We deden er twee uur over om bij een klein huisje op een berg aan te komen. Toen ik eenmaal naar binnen keek liet ik mijn ogen vallen op een stenen plateau, Ik liep er meteen op af en ging er meteen op liggen, het lag redelijk lekker, maar ik kon geen slaap vatten. Yandri zag hoe ik sukkelde met het in slaap vallen en kwam bij me zitten.
'Zin in een spelletje?'
Dus speelde ik een spelletje met Yandri. Hij won keer op keer, wat vrij logisch was, aangezien ik het spel niet echt begreep en het bord steeds omstootte. Met mn lompe bewegingen.
'Ik vind dit spel niet leuk...'
'Hoezo niet? Ik vind het geweldig.' Jij wel. Dacht ik terwijl ik teleurgesteld naar het bord aan het staren was.
Eenmaal na een tijdje. Keek Rho me weer woedend aan en rende ze weer boos op me af... Wat in de hel heb ik nu weer fout gedaan. Ik heb niks gedaan!
'Waarom probeer je me psychologisch te chanteren? EN HOE IN GODSNAAM WEET JE HET?' tierde Rho terwijl haar ogen een bepaald soort waanzin uitstraalden.
'Whot?' Ik keek met grote ogen naar Rho.
'JE WEET BEST WAT IK BEDOEL?!'
'Je bedoelt Pi he... Wat weet je van Pi?' Zei ik tegen Rho.
'Wat ik van Pi weet? Dat jij hem hebt vermoord in je vorig leven. HIJ WAS DE ENIGE WAARVOOR IK LEEFDE! Hij redde je zelfs. Maar nee. Jij vermoorde hem. Daarom haat ik je.'
'Het kan mij niet veel schelen dat je me haat. Maar houd je wel rekening mee, dat ik geen enkele herinnering aan mijn vorige leven heb?'
'Kan me niks schelen! Je zult boeten voor wat je hebt gedaan. Je zal vast een keer wat fouts doen en daar zal je spijt van krijgen! Daar ga ik dan voor zorgen.'
Ik keek Rho dom aan. Wat had ik anders moeten doen? Ik wil niet eens iemand wat kwaad aan doen...
'Zeg dan wat nutteloos reptiel!'
'Waarom zou Pi me helpen als ik hem zogezegd vermoord heb?' bracht ik zomaar uit.
Ik hoorde zelf niet hoe krankzinnig het klonk dat ik over een dode jongen praatte...
'Pi is dood,' zei Rho kalmer dan ze was. 'En waag het niet om nog een keer zijn naam te noemen...' Rho liep weer weg.
'Maar?...' Jij begon… Bedachte ik me achteraf en ik stopte maar met praten... Ik kan niet geloven dat ik Pi heb vermoord. Ook niet in m'n andere leven. Een verlosser zou dat nooit doen? Hoewel ik wel twijfel of zelfs dat wel waar was... Als mensen nu zouden weten wat mij laatst was gebeurd ziet iedereen mij als een van de gevaarlijkste en gemeenste wezens... Misschien... Misschien heb ik mijzelf dan onderschat. Of niet... Misschien was dit leven een weerspiegeling van m’n vorige waarbij ik dus een verwoester moest wezen in plaats van een verlosser. Wie weet…
'Dave? Gaat het wel?'
'Waarom zou het niet gaan?' Zei ik rustig terug.
'Je ziet er niet zo goed uit,' zei Yandri terwijl hij mij beetnam om goed contact te leggen. 'Neem anders even rust.'
'Even rust?' herhaalde ik terwijl ik hem met grote ogen aankeek.
'Slaap wat.'
'Ik ben bang,' fluisterde ik, zodat Rho het niet kon horen. 'Bang voor haar...'
Yandri keek me bestuderend aan. Hij begon ook te fluisteren zodat ik me niet beschaamd voelde.
'Ik snap dat best wel. Maar ga maar slapen. Ik zorg wel dat ze je niets aan doet.'
Ik knikte, maar kon dat niet geloven. Rho was anders dan ik dacht dat ze was. Ze voerde wat in haar schild heb ik het idee. Maar kon niet plaatsen wat. Als zij wist wat er met mij was. Dan was ik dood. Dat wilde ik niet. Ik wilde liever dat zij dood was. Dat ik haar nooit had ontmoet. Maar ik ga haar niet vermoorden. Anders verlaag ik me tot het niveau van de duivel... Of... Moest ik het juist doen?
Waar kwam die gedachte vandaan? Zo ben ik helemaal niet. Wat zal Yandri wel niet denken. Ik ben geen monster... Nog niet…
Ik viel gewoon rustig in slaap. Ik ben geen monster dat iedereen verslind wat op m'n pad komt. Dat zal ook niet gebeuren.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen