Foto bij 2.2: Eerste impressie

“Verdomme!” Het interesseert me niet dat heer Harold in de kamer hiernaast me kan horen. Ik kan hem ook horen, en nog niet zo’n klein beetje. Er is een of andere vrouw in zijn kamer aanwezig en ze zijn innig de lust aan het verdrijven. Van liefde is totaal geen sprake, aan dat vreselijk gejank van haar te horen. Eerst was ik best jaloers dat die vrouw zíjn goddelijke lichaam mocht aanraken. Dat strakke, gespierde lichaam met een gezicht vol krullen en die volle lippen van hem. Ja, ik ben een volwassen man, maar ik hem me nooit tot vrouwelijke rondingen aangesproken gevoeld. Als ik droomde over intimiteit, dan was het altijd over strakke lichamen, harde spieren en lage hese stemmen. Niet over zachte rondingen en hoge irritante stemmen. Mijn moeder accepteert het, maar ze vindt het spijtig dat ik nooit mijn hart kan volgen. Op mannen vallen is taboe, dan word je verbannen. En dat wou ik mijn arme moeder echt niet aandoen. Ik merk zelf hoe langer hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik er toch stiekem aan toe geef. Hoe langer het geschreeuw aanhoudt, hoe vervelender het wordt. Mijn luxueus kussen houdt het geluid spijtig genoeg niet goed genoeg tegen.
“Opstaan Louis!” Ik zucht en draai me nog eens om. Wacht. Dat is niet moeder. Welk vrouwelijk schepsel haalt het dan in zijn hoofd om me te wekken? Oh nee. Ik zit in een huis vol met vampiers, slapen is absoluut niet veilig. Verschrikt schiet ik overeind en staar ik recht in een paar donkerbruine ogen. De vrouwelijke vampier grijnst geamuseerd naar me. “Rustig aan, Comes. Ik bijt niet… of toch wel.” Mijn angst lijkt haar plezier te doen. Beschaamd dat ik weinig kleding aan heb trek ik het povere deken zo hoog mogelijk tot boven mijn tepels.
“En jij bent…?” Ze glimlacht terwijl ik haar twijfelachtig aankijk. Ze is even eng als alle andere vampiers hier, alleen net iets vriendelijker.
“Rex Harry’s nicht, Runae Evaristus Styles. Aangenaam.”
“Louis William Tomlinson. Ik wou dat ik hetzelfde kon zeggen.” Ik schenk haar een neppe glimlach, enkel en alleen omdat ik me vanbinnen compleet ongemakkelijk voel, naakt, kwetsbaar. Het grappige, wat het gevoel alleen maar versterkt, is dat ik uiterlijk dan ook nog echt halfnaakt ben. Geweldig.
“Ik weet wie je bent Louis. Je voorstellen is heus niet nodig.” Haar ogen zakken af naar mijn lagere helft als ik het deken terug laat zakken en ik trek meteen beledigd mijn wenkbrauwen omhoog, waarna ik grijns, ze streelt mijn ego. Het mooie vampiermeisje dat hopeloos aangetrokken is tot het heroïsche lichaam van de boerenjongen. Dat zou nog eens een verhaal zijn. “In elk geval, mijn te lieve neefje heeft me gestuurd. Hij is in de voormiddag weg, dus mag jij je wel amuseren met de andere Comes. Kleed je aan en ga eten. Gelijkvloers, linkerkant van het gebouw. Ik hoop voor je dat je kan lezen.” Bruut werpt ze me op volle kracht kledingstukken toe die ik snel ontwijk. Ze is levensgevaarlijk, ik zweer het. Net als een kat. Lief en schattig, maar als je haar durft te aaien krabt ze.


Een klein stukje op mijn verjaardag. Wees niet getreurd, er komt snel meer en het zal beter zijn!

Reageer (1)

  • Amica

    Heel heel heel late gelukkige verjaardag dan!

    8 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen