Foto bij #006

POV: Piper

Tegen al mijn protesten in moet ik toch mee naar het ziekenhuis. Ik krijg een nekkraag om en ik ga bijna dood van schaamte als ik op de brancard ga liggen. Met gillende sirenes word ik naar het ziekenhuis gereden en ik sta erop om eigen kracht naar binnen te lopen. Dit gaat met heel wat protest van de verplegers.
'Wat doen jullie nou moeilijk? Het is maar een sneetje.' Werp ik tegen.
Helaas voor mij hebben ze daar geen boodschap aan en ik word tot mijn schaamte in een ROLSTOEL, ja je hoort het goed, een rolstoel, naar binnen gereden. Binnen de kortste keren lig ik op de behandel tafel. Ik haat dokters. Er komt een dokter met blond haar binnen.
'Waar is Zoë?' Flap ik eruit.
Zoë was mijn vast dokter, ze werkte ook voor de special agents en zou dus geen vragen stellen als 1 van ons was neergeschoten ofso.
'Zuster McLean is momenteel voor onbekende tijd op vakantie.' Glimlacht hij.
Hij kijkt even op zijn klembord.
'Dus... wat is er gebeurd?' Vraagt hij dan vriendelijk.
'Dat staat vast al op uw klembord. Waarom ben ik hier eigenlijk? Ik mankeer helemaal niets.' Zeg ik chagrijnig.
Hij blijft irritant vriendelijk glimlachen en schrijft even iets op.
'Je hebt je pit gelukkig nog. Ten eerste staat er inderdaad op mijn klembord wat er is gebeurt maar ik wil kijken of je geen gaten in je geheugen hebt, ten tweede zit je hier omdat je voorhoofd gehecht moet worden en ten derde doordat je hersenen in de war zijn door de schokken van de taser.' Legt hij geduldig uit.
'Dus wat is er gebeurt?' Vraagt hij terwijl hij klaar staat met zijn pen en klembord.
Ik zucht en rol met mijn ogen.
'Euh, eerst ben ik tegen mijn mond geslagen met een honkbalknuppel.' Zeg ik zuchtend.
De dokter onderbreekt me gelijk en pakt zijn lampje. Hij beveelt me mijn mond open te doen en geïrriteerd doe ik wat hij vraagt.
'Je mond heeft geen schade opgelopen.' Zegt hij terwijl hij zijn lampje weer weg legt.
'Ga door.' Zegt hij verontschuldigend.
'Goed, daarna kreeg ik een schok met een taser en gelijk nog 1. Ik ben toen gevallen, met mijn hoofd tegen de punt van een tafel dus raakte ik knock-out. Toen ik bijkwam werd ik ondervraagd omdat ze wilden weten wie me had gestuurd en wat ik kwam doen. Ik hield mijn mond en toen hebben ze me nog 5 keer getaserd voor ik out ging en toen kwam er hulp.' Zeg ik nadenkend.
De dokter, aan zijn naamplaatje te zien heet hij dokter E. Casey, is ijverig aantekeningen aan het maken en kijkt me dan ernstig aan.
'We zullen voor de zekerheid een hersenscan moeten maken, het zou kunnen zijn dat je hersenletsel hebt opgelopen, maar je mag blij zijn dat je hier nog zit.' Zegt hij meelevend.
Ik knik automatisch. Hersenletsel? Ik?
'We zullen eerst je voorhoofd hechten.' Zegt hij terwijl hij op de pieper drukt die aan zijn broek hangt.
Gelijk komen er 2 zusters aan.

Na een half uur zitten er 4 hechtingen in mijn voorhoofd.
'Volg mij maar, we gaan nu de scan maken.' Zegt hij wijzend naar de gang.
Zodra ik op de gang ben komen Jake en Gabriel op me af.
'Waar ga je heen? Is alles oké?' Vraagt Jake bezorgt.
Ik wuif hem weg.
'Ze willen een hersenscan doen.' Zeg ik geruststellend.
'We zien je zo Pipes.' Zegt Gabriel.
Ik zwaai naar ze en volg dan de dokters naar de scan kamer.
'Ga hier maar liggen, het kan een beetje gespannen voelen in zo'n kleine ruimte maar ik verzeker je dat er niets kan gebeuren.' Zegt dokter Casey glimlachend.
Trillend ga ik liggen en ik sluit mijn ogen. Zo rustig als ik kan adem ik en uit terwijl het apparaat om me heen zoemt. Na een tijdje komt dokter Casey de kamer weer in en laat me rechtop zitten.
'Gaat het wel? Je ziet nogal bleek.' Zegt hij bezorgt.
'Euh ja hoor, gewoon een beetje hoofdpijn.' Zeg ik met een geforceerde glimlach.
Ik zie dat hij me niet geloofd maar hij laat het erbij.
'Goed, we hebben de scans bekeken, je hebt eigenlijk geen letsel. Je hersenen hebben behoorlijk wat te verduren gehad dus doe het alsjeblieft rustig aan.' Zegt hij waarschuwend.
Ik slik even. Na een nieuwe afspraak gemaakt te hebben loop ik naar buiten waar Jake en Gabriel op me zitten te wachten. Met z'n drieën lopen we naar de auto en we gaan zitten. Jake start de auto en we rijden in stilte weg. Gabriel is de eerste die de stilte verbreekt. Hij schraapt ongemakkelijk zijn keel.
'Duuuus, hoe was het?' Vraagt hij voorzichtig.
Toonloos leg ik hun uit wat er was gebleken en ze kijken me allebei meelevend aan. Gabriel legt zijn hand op mijn schouder.
'Het spijt me dit te moeten zeggen maar Martha wil dat je bij haar langs komt.' Zegt hij zacht.
Ik vloek hardop.
'Kom op Pipes, het zal vast wel meevallen.' Zegt Jake broederlijk.
Ik snuif, ja vast. We kenden Martha langer dan vandaag. En zodra je bij haar moest komen was het foute boel.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen