Foto bij 16.3: Relaties

Ik word wakker van het zonlicht dat recht in mijn ogen schijnt. Mijn rechterarm zoekt al automatisch naar Harry, maar die is er niet. Hij is bij me gebleven totdat ik in slaap viel, en is toen terug dingen gaan regelen. Ik heb hem toch liever aan mijn zijde ’s morgens. Ik draai me om als de deur opengaat en glimlach meteen slaperig, Harry. Mijn redder.
“Kom je bij me liggen?” Zijn groene ogen beginnen verdacht te fonkelen als hij naast me op het bed rolt en ik me in zijn armen kan leggen, dit is wat ik miste. “Je hebt toch niet de hele nacht doorgewerkt, mh?” Aan Harry zelf is niets te zien, vampiers kunnen daar gemakkelijk tegen. Ze hebben echt niet veel slaap nodig, maar het is toch fijn als ze dat wel doen voor mensen als mij. Bezorgd wrijf ik zijn haar uit zijn gezicht als Harry niets anders doet dan gelukzalig glimlachen.
“Een beetje.” Ik frons lichtjes, maar stop er meteen mee. Hij is geen 5 jaar oud, hij weet dat zelf ook wel. “Ik heb je wel gemist zo. Hoe minder je aanhebt, hoe beter.” Ik lach hees door mijn ochtendstem en rol terug op mijn rug waarna ik hem vanuit mijn ooghoeken aankijk.
“Ik kan beamen dat dat wederzijds is.” Harry grijnst onschuldig als hij op mijn middel gaat zitten. “Iets van plan, mh?” Ik wiebel enkel met mijn wenkbrauwen, maar het is genoeg om te krullenbol te plezieren.
“Ik zou je willen verwennen, maar spijtig genoeg moet ik je ook informeren.” Hij laat zijn bovenlichaam op het mijne zakken en legt zijn hoofd op mijn schouder. Ondanks zijn lengte geniet ik er toch van.
“Alleen als je dan vanavond wel bij me blijft slapen.” Ik veeg plagerig door zijn krullen waardoor Harry mijn hand nonchalant weg doet, geen slecht haar voor meneer de keizer.
“Als jij het wilt.” Hij glimlacht en draait zijn hoofd terug in mijn richting. “Je moet gaan ontbijten, want je eerste les begint al snel.” Mijn eerste wat? Ik heb toegestemd ja, maar dat dit allemaal zo snel moest ineens. Hij heeft jaren gehad om het me te leren, en nu moet het ineens zo dringend.
“Vooruit dan maar. Jij blijft erbij?” Mijn stem is onzeker, en zo voel ik me ook. Dat is de enige voorwaarde die ik stel, hij laat me niet alleen met hem.
“Sowieso in het begin Lou. Maak je maar geen zorgen. We gingen privé gescheiden houden, weet je nog?” Ik knik traag, niet overtuigd, maar glimlach dan toch nep als Harry me een kusje op mijn wang geeft.
“Vertrouw me maar dat het goed komt. Ik heb overal voor gezorgd?”
“Hoe-“ Harry’s gezicht betrekt als hij merkt dat hij teveel gezegd heeft. Nu wil ik het weten ook. Hij zucht en schudt zijn krullen.
“Je had gelijk. Ik ben de gastheer. Hij had geen recht me gisteren zo aan te pakken omdat ik mijn mening wou verkondigen. Ik heb, nu ja, dat duidelijk gemaakt.” Een grote grijns verschijnt onmiddellijk op mijn gezicht. Ik probeer het nog tegen te houden door op mijn onderlip te bijten.
“Je hebt hem terug gepakt? Geslagen?” De krullenbol glimlacht lichtjes en reageert niet. Zijn lange haar kriebelt in mijn gezicht, maar dat is niet de reden waarom ik lach. “Stoute Harry toch. Heel stout.” Hij grijnst onschuldig waardoor ik hem niet meer kan weerstaan en mijn lippen op de zijne duw. Harry is er snel bij en vraagt meteen toestemming die ik hem – natuurlijk – ook geef. Zijn handen grijpen naar mijn kaken terwijl ik hem stevig vast houd.
“Je zou moeten opstaan.”
“Mh.” Ik negeer zijn woorden en kus langs zijn slanke hals naar beneden. Harry doet zijn ogen toe en laat me doen, genietend. Plagerig knijp ik in zijn billen aangezien ik de kans heb nu hij op me ligt waardoor zijn groene ogen verschrikt terug open vliegen en ik onschuldig lach om zijn geschrokken gezichtsuitdrukking. “Ik wist trouwens niet dat je het graag had als men stout tegen je praat.” Hij grijnst enkel, zijn emerald ogen doen mee.
“Stoute jongens houden van stoute woorden.” Ik lach als hij van me afrolt en nu wel mijn kleding klaar legt.
“Dat kan ik nog net zelf mam.” Hij rolt met zijn ogen en draait zich glimlachend terug naar me toe.
“Prima, dan doe je maar niks aan.”
“Je bent eindelijk klaar precies.” Ik reageer niet op Jean zijn opmerkingen en neem plaats aan tafel. We zitten in de studiekamer van Harry, waar er immens veel boeken staan, en waar ik dat ene boek ook vandaan heb. “Dus Louis, ik heb gehoord dat de eenvoudige oefeningen te makkelijk waren? Dan beginnen we meteen met een uitdaging.” In plaats van spanning op te wekken wekt hij saaiheid op waardoor ik een geeuw moet onderdrukken. Harry zendt me een blik maar ik negeer het. Jean legt een groot zwaar boek voor me en opent zelf een pagina. “Dus, dat veld lukt je aardig. Nu wil ik dat je Harry pijn doet. Hij staat daar, en jij gaat hem zo’n hoofdpijn geven tot hij op de grond ligt. Deze spreuk.” Hij wijst het me aan maar ik kijk enkel naar Harry. Hoe kan ik hem nu pijn doen? Het is zo’n schatje…
“Ik denk niet dat ik een vriend van me pijn wil doen.”
“Oh, ik verzeker je als jij het niet doet, dat ik hem nog meer pijn zal doen.” Dus daarom is Harry hier, als proefkonijn? Om op te experimenteren?
“Ik vind het maar niks dat je hem gebruikt als experiment.” Jean haalt zijn schouders op waardoor Harry meteen op zijn knieën zakt en naar zijn hoofd grijpt.
“Oké! Oké! Ik snap het. Ik doe het al.” Ik zucht en staar naar de woorden voor me. Mijn leesvaardigheid laat me duidelijk in de steek. Er staat dus: dea sanguessuga dor de cabeza excruciante. De letters dansen letterlijk voor mijn ogen. Ik kan het herhalen, komop Louis. Je moet je niet bewijzen tegenover hem, maar wel tegenover Harry. Als Harry nu meewerkt en overdrijft, lukt het ook allemaal.
“Dea sanguessuga dor de cabeza excrucriante. Dea sanguessuga dor de cabeza excrucriante.Dea-“ Ik begin kracht uit te voeren op Harry’s lichaam en merk hoe Harry naar zijn hoofd grijpt, zijn mond staat wagenwijd open om de pijn te negeren. “Dea sanguessuga dor de cabeza excrucriante.” Ik verhef mijn stem en het volgende moment ligt Harry op de grond te kronkelen, jankend voor hulp. Ik stop onmiddellijk en geef Jean een blik. Doordat Harry gevoelig is aan magie staan er weer verschillende brandwonden op zijn huid. Ik probeer er niet naar te kijken, maar ik doe het toch.
“Goed, onthoud die.”
“Ik ben geen verrekte geleerde. Ik kan dit nog nauwelijks leren, hoe verwacht je dat-“
“Ahhhh!” Harry ligt terug op de grond en ik laat het dan weer meteen stoppen en houd wijselijk mijn mond. Stomme ‘vader’ dat hij ook is. Mijn zwakke schakel gebruiken om me de mond te snoeren.
“Onthoud hem gewoon. Nu deze. Je zorgt ervoor dat je tegenstander niet meer kan bewegen, niks meer voelt, en niet meer kan nadenken.” Ik kijk naar de spreuk, deze is veel korter gelukkig. Sen mobilidade.
Deze keer voer ik opnieuw een kracht uit op Harry en spreek ik krachtig de woorden uit. “Sen mobilidade. Sen mobilidade.” Er gebeurt echter niets dus probeer ik het gefrustreerd opnieuw. Ik vloek en zet er meer magie voor in. Als ik naar Harry kijk merk ik dat hij stokstijf blijft staan, met zijn groene ogen wijd open. “Harry?” Hij reageert niet, dit is echt vreselijk eng. “Hoe maak ik het ongedaan?” Panikerend staar ik naar Jean, maar hij glimlacht enkel sluw.
“Dat mag jij uitzoeken.” Hij gaat rustig zitten in de grote stoel, Harry’s stoel – hij gaat daar niet blij mee zijn, terwijl ik bij de regel zoek naar een tegengif, maar het werkt niet. Er staat niets in, zelfs niet als ik het boek vraag voor een tegenspreuk. Opnieuw kijk ik naar Harry, hij beseft niet eens dat ik hier sta, hem proberend te helpen. “Het is Gallisch Louis, als dat je mag helpen.”
“Ziet het er naar uit dat ik dat spreek?” Boos kijk ik hem aan en staar dan terug naar het boek. Misschien moet ik gewoon het eerste woordje weglaten, misschien is dat iets zoals ‘niet’ of ‘geen’. Misschien wel ja. “Mobilidade. Mobilidade.” Boos door deze toestand werkt het onmiddellijk en Harry ontdooit terug. Meteen merkt hij mijn geïrriteerde houding op.
“Heb ik lang zo gestaan?” Zijn huid heeft een erg grauwe en ongezonde kleur door de magie, maar hij lijkt het niet door te hebben.
“Tien minuten.” Jean staat terug op en kijkt even naar ons beiden. “Nu gaat Harry zich verstoppen in het huis, en jij gaat hem via magie terugvinden.”
“Ik ben geen vijf jaar oud meer.” Hij geeft me een waarschuwende blik en neemt een kommetje. Hij doet er alles aan om Harry van ons weg te krijgen, ik heb het wel door.
“Jouw bloed, een voorwerp gelinkt aan Harry en een spreuk. Dat is alles.” Ik knik en kijk naar Harry.
“Mag ik een haar bij je uittrekken?” Hij lijkt niet eens verrast door de rare vraag en knikt. Voor de gemakkelijkheid doet hij het zelf en overhandigd hij me een krullerige haar die ik in het kommetje leg. Jean neemt een papier waar het huis op getekend staat. “Jij laat je bloed op de kaart vallen terwijl je de spreuk zegt. De haar zal in brand vliegen.” Is dat niet gevaarlijk? Ik weet niet hoor. Onzeker bijt ik op mijn onderlip terwijl hij me een mes overhandigt. Ik heb mezelf voor Harry al eerder gesneden, maar nu... Vanzelf zal het niet helen. Voorzichtig zet ik het mes tegen mijn pols aan en merk ik dat er een paar druppels bloed op de kaart belanden.
“Atopa o dono. Atopa o dono. Atopa o dono.” Mijn wond heelt meteen en ik schrik als er een vlam uit het kommetje schiet. Snel herstel ik mezelf en concentreer ik me op de spreuk. “Atopa o dono.” Het bloed begint over de kaart te lopen tot aan de keuken. Daar stopt het abrupt. Ik glimlach, hij zit dus in de keuken.
“Je concentreert je niet. Harry zit niet in de keuken. Denk aan de spreuk en niet aan de verdomde jongen.” Ik grom naar hem en doe het opnieuw. Het bloed neemt een andere weg. Ik houd mijn ogen stevig gesloten om me optimaal te concentreren. Als ik ze terug opendoe is het bloed gestopt met stromen. Harry zit bij de badkamer, op de pot. Ik grinnik en kijk naar Jean die me enkel serieus aankijkt. Toch laat ik hem mijn lachbui niet verstoren als ik de kaart terug van me afschuif. Harry komt doodserieus de kamer binnen, maar als ik beter kijk merk ik dat er een kleine glimlach op zijn lippen ligt. Hij vindt het wel degelijk grappig, natuurlijk. Saaie Jean.
“Ik denk dat dat alles was wat ik vandaag wou doen. Je doet het goed Louis." Voor de eerste keer sinds ik hem ontmoet heb lukt het hem om half oprecht een kleine glimlach naar me te sturen. Ik negeer het echter, hij is mijn leraar en daar houdt het dan ook mee op. Ik knik als hij de kamer verlaat en sta meteen op. Harry's huid is nog steeds rood en bezorgd ga ik erover.
Harry glimlacht somber en laat het toe als ik kalmerend over zijn rode huid wrijf. Zijn witte kleur die erop wijst dat hij van goede komaf is, is als sneeuw voor de zon verdwenen. "Verlaat hij het kasteel?" Langzaam knikt Harry.
"Ik weet niet voor hoe lang. Hij komt wel snel terug. Je hebt echt talent Louis..."
"Van wie zou ik dat hebben?" Ik glimlach nep en haal mijn hand van zijn arm, bemoeilijkt door mijn eigen emoties. Harry slaat een comfortabele arm rond mijn middel en trekt me dicht tegen zich aan.
"Ik weet dat het moeilijk voor je is Lou, je bent zelfs jezelf kwijt bij hem. Ondanks dat ben ik trots op hoe je ermee omgaat." Ik snik pijnlijk als zijn duim zacht langs mijn kaaklijn gaat. Ik wil dit emotioneel deel gewoon overslaan, en doorgaan met iets anders. Dit is even hevig...
"Moet je geen bloed hebben voor je..." Ik geef hem een blik. Hij heeft door dat ik van onderwerp verander, maar zegt er niets van. Zijn groene sprankelende ogen zeggen genoeg. Hij weet het goed genoeg.
"Ja, maar ik neem wel een bloedzak. Maak je geen zorgen om mij Lou." Ik glimlach en streel met mijn vingers een krul uit zijn ogen.
"Ik doe niets liever Har."

Jullie worden nogal verwend met lange stukjes ghehe. En dan een lieve Harry, ideaal niet?

Reageer (1)

  • Amica

    Ahw.

    8 jaar geleden

Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen