Foto bij Examen 1

10 Oktober was de dag waarop mijn hele leven veranderde. 10 Oktober was de dag waarop ik mijn brief van Zweinstein kreeg. Wat was ik blij die dag. Maar dit geluk hield geen stand. Oh nee. Ik kan wel zeggen dat ik daarna nog nooit zo verdrietig ben geweest. Deze dag was mijn elfde verjaardag.

‘Gefeliciteerd!’ riepen mijn ouders in koor. Slaperig deed ik mijn ogen open. Mijn moeder zag dat ik wakker was en omhelsde me stevig. Ik kreeg een kus op mijn wang van mijn vader. Ik ging rechtop in bed zitten en keek vrolijk voor me uit. Eindelijk was ik elf jaar geworden. Ik had hier lang op gewacht. Ik hield van verjaardagen. De gezelligheid, de mensen die je allemaal feliciteren en stiekem ook de cadeaus maakten me erg vrolijk.
‘Zullen we dan maar gelijk de cadeautjes open gaan maken?’ zei mijn vader, ‘kom ze liggen beneden.’

Na een gezellige ochtend vol met lekker eten en leuke cadeautjes kwam de post. Dit was op zich niet raar, maar wel als je wist wat ik bij die post zou treffen. Ik opende een paar verjaardagskaarten, waaronder één van mijn beste vriendin die een super leuk verhaaltje voor mijn verjaardag had geschreven. Met een glimlach maakte ik de rest open. De onderste kaart op het stapeltje bleek echter anders te zijn dan de rest. Het adres was met krullerige letters in smaragdgroene inkt geschreven op een stuk oud papier, volgens mij perkament. Op de achterkant van de brief stond een rode stempel met hierop een logo van iets wat ik niet kende. Voorzichtig opende ik de brief. Ik was benieuwd wat er in stond.

Langzaam legde ik de brief terug op de tafel, nadat ik het gelezen had. Ik wist niet goed wat ik moest denken. Ik wist ook niet of het een slechte grap was of de werkelijkheid. Eigenlijk kon ik op dat moment even helemaal niet meer nadenken. Ik een heks? Dat kon niet!

Ik liet de brief aan mijn ouders lezen. Achteraf had ik dit beter niet kunnen doen. Eerst las mijn moeder de brief. Bij elke regel dat ze verder kwam met lezen keek ze bozer. Ik snapte niet goed waarom. Toen ze de brief uitgelezen had gaf ze het aan mijn vader. Ook hij reageerde alles behalve positief.
‘Wat is dit voor slechte grap?’ riep mijn moeder boos, ‘hier wil ik helemaal niets mee te maken hebben!’ Ik wist niet goed wat te antwoorden.

Het is nu alweer twee dagen later en mijn ouders hebben sinds ik de brief ontving niet meer tegen me gesproken. Ik heb me nog nooit zo slecht gevoeld. Wat een leuke dag moest worden liep uit tot een ramp. Ik heb mijn ouders nog steeds niet kunnen laten zien dat ik echt niet raar ben. Ik heb er toch ook niet voor gekozen dat ik anders ben, dat ik een heks ben.

Alleen liep ik over de Wegisweg. Ik had nog aan mijn ouders gevraagd of ze mee wilden, maar eigenlijk wist ik het antwoord al. Ze wilden niks met de hele tovenaarswereld te maken hebben. Ik keek op mijn lijstje en besloot om eerst naar Madame Mallekin te gaan voor mijn gewaad. De vrouw was erg aardig en na wat passen en meten had ik uiteindelijk mijn eerste tovenaarsgewaad in handen. Ik bezocht alle winkeltjes en begon me eindelijk wat vrolijker te voelen. Dit voelde echt als thuiskomen. Natuurlijk hield ik van mijn ouders, maar hier voelde ik me voor het eerst op mijn plaats.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen