Voor deze opdracht is het de bedoeling dat jullie een kleur kiezen, en deze op welke manier dan ook in je verhaal verwerken. Dit mag letterlijk, maar ook figuurlijk. Of de symbolische betekenis. Dit natuurlijk in het genre Historisch.
Verder wil ik dat jullie het alwetende perspectief gebruiken. Voor de mensen die nog niet weten wat dat is, hier een link naar de wikipedia pagina. Zowel auctoriaal als ik-perspectief kennen alwetend perspectief, dus lees deze pagina alsjeblieft goed door. Heb je nog vragen, mijn pb staat altijd open.
Elke kleur kan gebruikt worden. Of je nou blauw kiest, of kobaltblauw, dat is geen probleem. Je hoeft het ook niet op voorhand te zeggen. Zet het wel bij de inzending in de beschrijving!
Minimum aantal woorden: 1200
Maximum aantal woorden: 2500

De kleur die ik heb gekozen is rood.

De eerste keer dat ze elkaar ontmoetten, was toen Eddie op zoek was naar een woning in de stad. Het was lastig om iets te vinden wat zowel binnen zijn budget lag als niet vereiste dat hij ratten accepteerde als kamergenoten, maar uiteindelijk vond hij een plek via de broer van de vrouw van een collega van zijn vader. Een oude vrouw wachtte hem op om hem de te verhuren kamer te laten zien.
      Het eerste wat opviel toen hij een voet over de drempel zette, was de kleur. Het behang was, zacht gezegd, vreselijk. Het rood sprong van de muren en greep hem bij zijn keel. De kamer - een woonkamer, naar de bank, de radio op het tafeltje en het bureau in de hoek te oordelen - was groter dan de meeste andere die hij had bezichtigd, maar gaf een enorm benauwd gevoel. Zijn eerste instinct was rechtsomkeert te maken.
      Matthew was het tweede wat hem opviel, als hij wist zijn naam op dat punt nog niet. Matt was allesbehalve vreselijk, zoals hij ontspannen op de bank hing, alsof de wereld aan zijn voeten lag. Eddies tweede instinct was het appartement juist nooit meer te verlaten.
      De vloer in de kamer die voor hem bedoeld was kraakte, het raam kon niet meer helemaal open, in de badkamer zat een schimmelplek op het plafond en er scheen ooit een brand te hebben gewoed in de keuken, waardoor nog steeds een groot deel van het aanrecht zwartgeblakerd en vrijwel onbruikbaar was. Maar Matthew volgde Eddie terwijl de huisbazin hem rondleidde, en op een of andere manier leek het plotseling allemaal zo erg niet meer.
      Hij had eigenlijk nog twee bezichtigingen gepland voor de volgende dag. Toch zei hij meteen ja.

Rood was de kleur van verboden dingen. De vrucht die de mensheid het Paradijs had gekost had verleidelijk geglansd in die kleur. Eddie begon in de maanden nadat hij was ingetrokken steeds meer sympathie te krijgen voor Eva in dat verhaal, terwijl hij zag hoe Matt zo volkomen thuis leek in hun belachelijk rode woonkamer. Het was een beproeving.
      Hij wist dat het fout was. Hij wist dat het tegen alles wat natuurlijk en behoorlijk was inging. Het probleem was dat hij ook al heel lang wist dat hij geen interesse had in meisjes, niet op die manier. Hij had het geprobeerd. Het had nooit gewerkt. Zo slecht kon het dan toch niet meer zijn, als God hem op die manier had gemaakt, wat het heilige boek ook zei?
      Met Matt kon hij het goed vinden. Matt had een vaste vriendengroep waar Eddie in werd opgenomen, waarmee ze door de bars en straten trokken en van midden in de nacht tot vroeg in de ochtend veel te luid dronken liedjes zongen. Aan de oppervlakte was alles goed, gezond, normaal. Iets dieper lagen die blikken, van zo nu en dan, die altijd net wat te lang duurden en Eddie achterlieten met kriebels.

Met de inval van de zomer kwamen kortere rokjes en nieuwe giechelende meisjes, die in de vakantie op bezoek waren bij familie in de stad. Iets anders wat met het nieuwe seizoen kwam, was een verstikkende hitte. Het viel niet uit te houden binnenhuis, al helemaal niet op Eddies kamer met zijn rare raam, dus stelde Matt voor te vluchten naar het dak.
      Het briesje hielp een beetje, maar de zon leek nog meer verschroeiend dan op straat. De enige manier waarop ze geen zonnesteek zouden oplopen was als ze met hun rug tegen het lage muurtje om het dak heen zaten, zodat ze zich precies in de smalle streep schaduw konden verbergen. Ze deelden een sigaret die snel kleiner werd. Het enige geluid kwam van het stadsleven ergens ver beneden hen, tot Eddie de sigaret weer overnam. Zijn vingers streken langs die van Matt en hij kon de stilte niet meer aan. Het was bijna net zo verstikkend als het behang wanneer Matt niet thuis was.
      “Denk je dat Roosevelt echt mannen naar Europa stuurt?” vroeg hij. Het was de vraag die tegenwoordig overal door de huiskamers galmde en dagelijks werd gesteld op de radio.
      “Nah,” zei Matt. Hij sloot zijn ogen en liet zijn hoofd achterover tegen het steen vallen. “Waarom? Wil je het leger in?”
      Eddie haalde zijn schouders op en stond er niet bij stil dat Matt daar niets van kon zien. Matt opende één oog.
      “Je staart. Weer.”
      “Sorry.”
      “Nee,” zei Matt.
      Het was eigenlijk te warm voor lichamelijk contact, maar toch kwam er een hand op die van Eddie terecht toen hij wat meer afstand probeerde te creëren. Matts blik brandde echter nog veel meer dan zijn warme vingers.
      “Ik vind het niet erg.”
      Eddie leerde die avond een hoop dingen. Rood was de kleur die naar Matts wangen steeg zodra hij die woorden had uitgesproken. Rood was de kleur van Matts lippen als ze stevig gekust waren. Rood was, bij puur toeval, de kleur van Matts lakens.

In de weken daarop, echter, leerde Eddie nog meer. Rood was de kleur van de sok die als waarschuwing over de deurknop hing. Rood was de kleur van de lippenstift die Matt nog niet van zijn wang had geveegd als hij hem probeerde te kussen. Rood was de kleur van woede, waarvan hij niet eens zeker wist of die terecht was.

Rood was ook de kleur van alarm. Op de zwart-wit foto’s in de kranten viel het niet te zien, maar Eddie kon zich heel levendig voorstellen hoe het eraan toe moest zijn gegaan in Pearl Harbor. De dagen van vaag schouderophalen lagen achter hem, net als voor iedere jonge man in het land. Dit was het moment om iets te doen voor Uncle Sam. Dit was het moment om te laten zien dat hij niet alleen rood was van binnen, maar ook wit en blauw.

Matt bleek het hier niet mee eens te zijn. Hij zakte neer op de bank in die vreselijke woonkamer toen Eddie hem zijn plannen vertelde, en voor het eerst zag hij er totaal niet uit alsof hij behalve wat behang ook de rest van de wereld aankon in zijn eentje. “Waarom?” vroeg hij. “Wat is dat nou voor stomme beslissing?”
      “Waarom niet?” wierp Eddie tegen. Hij dacht dat hij daarmee het winnende argument had gevonden, maar Matt schudde zijn hoofd, stond op en kwam naar hem toe. Zijn handen waren zacht op Eddies gezicht, maar niet zachter dan zijn lippen.
      Eddie kende rood, of dacht tenminste dat hij dat deed. Er waren nog zoveel dingen die hij niet wist en in de jaren die volgden zou ontdekken. Rood was de kleur van wanhoop. Het was de kleur van het bloed dat vingers glibberig maakte die uit alle macht probeerden een wond dicht te houden. Het was een van de vele kleuren die de vriendin of vrouw van de aan stukjes geblazen man niet meer zou dragen. Het was de kleur van de blinde razernij van soldaten die een deel van zichzelf waren kwijtgeraakt, ergens op het slachtveld, tussen de klaprozen in het hoge gras.
      Het was ook de kleur van een gebroken hart, dat langzaam donkerbruin en zwart werd. Maar zover was het nog niet, en zou het nog een tijdlang niet zijn, dus konden ze voortleven in hemelse onwetendheid. En eindelijk, eindelijk was rood de kleur van de liefde.

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen