Ik maak die avond de voordeur weer open met mijn sleutel en loop de hal in. Het is ondertussen al elf uur in de avond. Ik heb nog een hele tijd met Kay zitten praten over hobby's, school, sport en andere dingen. Als ik de woonkamer in loop zie ik mijn vader op de bank liggen, lege bierflesjes staan naast de bank op de vloer en op de bijzettafel. Ik zucht en loop terug de gang in waar ik de trap op loop naar mijn slaapkamer. Ik heb voor de eerste keer in weken geen honger als ik naar boven loop in de avond, ik heb wat gegeten met Kay. Ook al was het alleen maar ingeblikt fruit ben ik er wel dankbaar voor.

Na me te hebben omgekleed naar een oude pyjama loop ik naar de spiegel. Er zitten gaten in de pyjama waar eerst duidelijk leesbaar op stond: Never stop shining. De pyjama zelf is grijs en de tekst was wit erop gedrukt. Als ik zo naar mezelf sta te kijken komt de vraag van Kay terug; 'wat betekent familie voor jou?'. Hij vroeg het vlak voor ik weg ging. Ik antwoordde dat het de mensen zijn die met bloed met je zijn verbonden. 'Dat lijkt iedereen te antwoorden.' had hij daarop gezegd. Ik snap niet waarom hij zo reageerde. Zei ik misschien iets verkeerd? Ik loop naar mijn bed en ga erop zitten. Ik had hem nog gevraagd wat hij verwachtte dat iemand zou antwoorden omdat dit de definitie van het woord is. Hij zei dat ik er nog wel achter kwam als ik stopte met naar de grond te kijken.

Stoppen met naar de grond te kijken. Hoe doe je dat? Ik ga liggen en staar naar het plafond, de versiering die eerst bovenaan mijn hemelbed hing is bijna helemaal weggesleten. Ik draai me op mijn zij om naar het afgedankte behang te kijken. Waarom zou hij dat hebben gevraagd? Is er een andere definitie van familie?

Ik schud mijn hoofd een paar keer om de gedachte kwijt te raken, ik kan me nu beter concentreren om in slaap te komen. Morgen moet ik weer naar school en als ik me vanaf nu niet kan concentreren in de les zal ik nog wel een paar keer zo'n gesprek met mijn mentrix krijgen. Over een paar weken hebben we proefwerkweek en daarna alweer zomervakantie. Zou ik dit jaar overgaan of blijven zitten? Ik zucht en draai me om. Wat zou mijn vader ervan zeggen als hij mijn punten zou zien? Wat zal hij doen als hij me een keer met Kay samen ziet? Waarom ben ik er zo zeker van dat ik Kay na vandaag nog een keer ga zien? Vandaag heeft zoveel vragen met zich meegebracht dat ik niet weet wat ik ermee moet. Ik draai me weer om en sluit mijn ogen terwijl ik probeer om in slaap te komen.

Biep-biep... biep-biep... biep-biep... Ik open duf mijn ogen en kijk naar mijn telefoon die aangeeft dat het zeven uur is. Ik ga rechtop zitten en wrijf door mijn ogen. Ik heb een rare droom gehad, een droom over Raza en mijn moeder. Ze leken iets te willen zeggen alleen kon ik niet verstaan wat ze zeiden. Het leek iets belangrijks te zijn... Wat zou het precies kunnen zijn?

Het gepiep van mijn telefoon doorbreekt mijn gedachten en ik zet de wekker op mijn telefoon uit voordat ik me ga omkleden. Een grote zwarte hoodie en een gescheurde zwarte broek eronder.

Dan ga ik voor de spiegel staan en pak ik mijn borstel. Ik kijk naar mijn zwarte haar die ik al in weken niet meer fatsoenlijk heb doorgekamd of gestijld, meestal maak ik een snelle staart en dan ben ik klaar. Ook kijk ik naar mijn bleke huid dat bedekt is in blauwe plekken in littekens. Alhoewel mijn lichaam minder littekens met zich meedraagt dan mijn hart moet meedragen.

Dan begin ik mijn haar te borstelen. Ik heb moeite om mijn haar helemaal te ontknopen, meestal doe ik die moeite niet eens. Ik kijk naar mezelf nadat ik mijn haar heb uitgeborsteld. Mijn zwarte haar valt, licht golvend, tot net over mijn middel. Ik kijk er even naar voordat ik het over mijn linkerschouder gooi en begin te vlechten. Mama deed het altijd zo, links over het midden en dan rechts over het midden, dan gaat links weer over het midden en rechts over het midden. Zo ga je door tot onderaan.

Na een paar keer proberen heb ik een redelijke nette vlecht en kijk ik nog eens naar mezelf in de spiegel. Ik zie er al meteen een stuk minder uitgeput uit nu mijn haar netjes zit, ik zie er zelfs... mooi uit? Ik blijf zo even staan, mijn oren gaan langzaam overeind staan, wat nauwelijks meer is gebeurd sinds 8 jaar terug. Ik heb weinig redenen om blij te zijn sinds het ongeluk is gebeurd. Ik kijk naar mijn bureau en zie het doosje met make-up staan die ik heb gekregen nadat mijn moeder was overleden. Ik heb nooit geweten hoe ik alles moet gebruiken maar toch open ik het. Oogschaduw, die is best logisch. Mascara, die was voor op je wimpers toch? De concealer is voor op je huid, dat staat er duidelijk op, alleen is mijn huid veel te bleek hiervoor. Ik zoek voor de zekerheid op internet op of je mascara echt op je wimpers moet smeren en zodra dat bevestigd is doe ik eerst een lichte laag oogschaduw op, een donkerblauwe kleur met glitters. Daarna doe ik wat mascara op mijn wimpers en kijk ik nog eens in de spiegel. Mijn ogen lijken feller en groter, het is echt heel mooi. Ik blijf zo even naar mezelf kijken tot ik mijn vader van onder hoor roepen: "Is het niet eens tijd dat je naar school vertrekt?!"

Ik trek mezelf weg van de spiegel en pak de boeken die ik voor vandaag nodig heb voor ik de trap snel af loop. "Wat heb jij nou weer op je gezicht? En wat is er gebeurd met je haar? Het maakt ook niet uit, maak nou maar gewoon dat je weg komt." Het verbaasd me dat mijn vader überhaupt merkt dat er iets anders aan me is. Ik loop naar de voordeur en maak de deur open.

"Doei, pap!"

"Noem me geen-"

"Ik weet het, je bent mijn vader niet en hebt geen familie." Ik loop naar buiten en sluit de deur, verbaasd over mijn eigen acties. Verbaasd over al mijn acties van vandaag. Waarom boeit mijn uiterlijk me opeens zo? En sinds wanneer sta ik op tegen mijn vader? Ik weet dat het eigenlijk goed is maar ik weet niet waar het vandaan komt. Ik snap niet waar het zelfvertrouwen vandaan komt. Zou het iets te maken kunnen hebben met mijn ontmoeting van gisteren? Zou het iets te maken hebben met Kay? Het klopt dat ik me anders voel nu ik weet dat iemand anders in dezelfde situatie zit, ik voel me begrepen. Maar dat is toch geen reden om opeens meer zelfvertrouwen te krijgen?

Op school worden er minder nare opmerkingen gemaakt dan anders. Er is zelfs iemand uit mijn klas, ik dacht dat haar naam Maike was, naar me toe gekomen om te zeggen dat mijn haar leuk zit. Ik kon een stotterende bedankt uitbrengen voordat ze verder liep. Ze klonk niet sarcastisch of spottend, zou het kunnen dat ze het oprecht mooi vond? Ik heb Mandy de hele dag niet gezien, was ze misschien ziek? Het was een fijne dag, geen rottige opmerkingen en geen nare blikken.

Ik loop het schoolgebouw uit en ga op een muurtje zitten vlak buiten het plein. Ik pak mijn telefoon en ga naar de chat van mij en mijn vader. Laatst gechat; 2 jaar terug. Ik heb geen zin om naar huis te gaan en mijn goede dag te laten verpesten door een boze bui van mijn vader. Daarom begin ik dus maar te typen:

'Ik ga naar de bibliotheek om te leren. Ik haal mezelf avondeten en zal vanavond laat pas terug zijn - Kiara'

Even nakijken op spelfouten en verstuur. Ik zie de vermelding dat hij het heeft gelezen en stop mijn telefoon terug in mijn broekzak. Het voelt als een opluchting, wetende dat er ook nog goede dagen zijn.

"Dus hier zit je op school?" Ik draai me verbaasd om en zie Kay staan.

"Hey! Waarom ben jij eigenlijk hier?" vraag ik. Er liggen geen winkels of eetgelegenheden hier in de buurt dus het verbaasd me dat ik hem hier tegen kom.

"We hebben een vrije dag dus heb ik besloten om rond te gaan lopen, ik herinnerde me dat je zei dat je op een gemengde school zit en ben daarom eens hierheen gelopen. Hoewel ik niet verwachtte om je ook echt tegen te komen," legt hij uit.

"Je verbergt je oren en staart niet meer," merk ik op.

"En jij hebt je haren gedaan en make-up op," merkt hij op. Ik lach en hij lacht mee.

"Waarom wou je eigenlijk mij zien?" vraag ik dan.

"Ik weet het zelf niet precies, is er iets mis mee?" antwoordt hij.

"Nee, natuurlijk niet! Ik ben gewoon verbaasd omdat de meeste mensen niet hierheen zouden komen om me te zien," geef ik toe.

"Wil je wat gaan eten? Ik heb geld meegenomen," zegt Kay als hij een portemonnee omhoog houd. De portemonnee ziet er oud uit, het was waarschijnlijk oorspronkelijk helemaal zwart maar door slijtage breken kleine plekjes licht-bruin het zwarte oppervlak.

"Graag... Alleen heb ik geen geld..." antwoord ik.

"Dat geeft niets, ik betaal," zegt Kay.

"Bedankt." En daarmee beginnen we te lopen richting het centrum terwijl we discussiëren over de plek waar we gaan eten.

Hallo, beste lezers! Ik zou het echt enorm waarderen als jullie een mening over mijn verhaal in de reacties achter laten! Ik kan zelf niet goed inschatten of andere mensen dit verhaal leuk vinden of niet, ik vind het in elk geval enorm leuk om te schrijven! Greetz Kyonakoenen!

Er zijn nog geen reacties.


Meld je gratis aan om ook reacties te kunnen plaatsen