• Deze RPG speelt zich af in de duistere, onzekere tijd van de Middeleeuwen. Uit verschillende weeshuizen in het land, worden pasgeboren baby’s uit hun wiegjes gestolen. Eén ding hebben ze allemaal gemeen: bij de geboorte stierf hun moeder. De vaders besloten het kind in een weeshuis achter te laten, omdat ze niet kunnen leven met de dood van hun vrouw of omdat ze er de middelen en tijd niet voor hebben een kind op te voeden. Tijdens een donkere nacht, verdwenen de baby’s uit hun wiegje. Er klonk hoogstens nog een bang gehuil voor er helemaal niets meer van hun terug te vinden was. Angstig fluisterden de dorpelingen over demonen en kwade geesten die de kinderen waren komen halen.
    Wat er werkelijk was gebeurd: Een donkere schim was zonder enige moeite en zonder een geluid te maken ingebroken in de verschillende weeshuizen, om de baby’s vliegensvlug mee te nemen, voor ze iemand konden waarschuwen met hun gehuil. De kinderen werden opgevoed in een grottencomplex, verborgen in de bossen rond de hoofdstad. Daar is het de Dark Brotherhood die de staf zwaait. Ze werden getraind in de kunst van het vechten. Ze leerden zich geruisloos te bewegen en hoe ze met vergiffen moeten werken. De kinderen zijn ondertussen jongeren geworden en weten niets anders dan de grotten van de assassins guild en de bossen er rond. Rond hun 16e verjaardag beginnen ze plots vreemde, ontluikende krachten in zichzelf te ontdekken. Ze moeten leren ze te gebruiken en te beheersen. Ondertussen ontstaan diepgewortelde vriendschappen en rivaliteiten. Hoe reageren jongeren met exact de tegengestelde kracht op elkaar? Sluiten ze tegen alle verwachtingen in toch vriendschap?
    Maar middenin deze groep getalenteerde jongeren is er één iemand die doodnormaal is. Hij blijft maar wachten tot ook zijn krachten komen, alleen komen die nooit. Uiteindelijk wordt de jaloezie hem teveel. Iedere keer als iemand zijn krachten gebruikt, ziet hij dat als een belediging. Verteerd door jaloezie en een gebrek aan zelfvertrouwen besluit hij dat hij wraak moet nemen. Hij waarschuwt de bewakers van de stad over het grote gevaar dat in de bossen leeft. De assassins guild wordt helemaal onverwacht overvallen door een leger aan soldaten. Zullen ze het gevecht overleven? Slagen ze erin te vluchten? En waar moeten ze nu heen?

    Het doel van deze RPG:
    De RPG zal van start gaan in de periode waarin ze hun krachten ontdekken. Alle krachten zijn hier mogelijk. In deze periode kunnen vriendschappen en vijanden ontstaan. Misschien wel een relatie? Maar houdt dat allemaal stand? Een assassins guild is immers een harde wereld met mensen die allemaal kunnen doden voor je het zelfs ziet aankomen. Het is een plaats waar achterdocht altijd wel een beetje heerst, ook al vallen guild members elkaar doorgaans niet aan.
    Hierna zal de RPG overgaan naar de oorlog met de City Guard, die door de de jongen zonder krachten is gewaarschuwd. Sommigen zullen gewond geraken of erger... De hele assassins guild zal moeten verhuizen naar een nieuwe schuilplaats, maar waar?


    Hoe ziet alles er uit?
    Het speelt zich voornamelijk af in de bossen rond de hoofdstad. Meer bepaald in een grottencomplex. De ingang is goed verborgen, aangezien je je eerst door een smalle spleet moet wurmen en er pas na een minuutje wandelen een deur richting de geheime schuilplaats bevindt. Voor je binnen wordt gelaten moet je altijd het wachtwoord geven, namelijk: sanguinis.
    Daarna kom je door nog een lange gang binnen in het hoofdkwartier, waar een lange zware, eikenhouten tafel staat. Daar wordt niet alleen gegeten, maar ook belangrijke zaken omtrent de guild worden er besproken. De eerste deur recht leidt naar de keuken, maar daar mag normaal gezien alleen de kokkin binnen. Zij is ook een beetje de moeder van de guild.
    De deur links leidt naar een andere kamer waar opnieuw twee deuren zijn. Als je daar links gaat, kom je in de trainingszalen terecht. Die worden niet zo vaak gebruikt, aangezien ze meestal buiten trainen. De deur rechts leidt naar de slaapvertrekken. (Ik zal later nog kijken met hoeveel je per slaapkamer mag liggen, zodra ik weet hoeveel mensen er mee willen doen)


    Sfeerbeeldjes


    Personages:
    Assasins:
    Guild leader: ~ Markus Maisson - Stannis {1|4}
    Kokkin/Huishoudster: ~ Anteia Auffrye - Illwill {1|11}
    Jongeren: (hebben sowieso krachten)
    ~ Anya Crivelli - VladiFerr {1|20}
    ~ Elizabeth "Liz" Victoria Hawkins - Caelestis {1|8}
    ~ Helena Brynn Morales - Kilicious {1|14]}
    ~ Lykon Sallie Challes - NymeriaDorne {2|3}
    ~ Raven - TheHorcrux {1|7}
    ~ Rhenelis Synallisun Dusthell "Dusthell" - NymeriaDorne {1|6}
    ~ Tristana Ward - Illwill {1|4}

    ~ August Auvray - Eichen {1|5}
    ~ Blake Hayden McCarty - Magnus {1|10}
    ~ Dallas Dior - Magnus {1|13}
    ~ Delron Midarm - NymeriaDorne {1|17}
    ~ Edon Jenkins - Illwill {1|7}
    ~ Jackson - VladiFerr {1|6}
    ~ James Robert McMahon - PeterParker {1|19}
    ~ Mortem Viper - Wensekronik {1|18}
    ~ Riley Luke McMahon PeterParker {1|19}
    ~ Rowan Buzzer - Ring {1|5}

    Ouderen: (kunnen ook krachten hebben, hoeft niet)
    ~ Lana Bell - MissMills {1|17}
    ~ Yuki Nagisa Minami - Tigresse {1|2}

    ~ Elijah Woods - TheHorcrux {1|14}
    ~ Lestat Daniel Malloy - Joaq {1|12}
    ~ Typhon - OakenshieId {1|16}
    ~ Xavier Phoenix - Lazulis {1|1}

    City guard:
    Hoofd van de City guard: ~ Cesare Ludovico Crivelli - Tigresse {1|2}
    ~ Ayla Hearling - Ring {1|10}
    ~ Sifanta - VladiFerr {1|13}

    ~ Alessandro Charles Mason - Kilicious {1|14}
    ~ Isaiah Lemuel Dennis - OakenshieId {1|17}
    ~ Jordan Halfaxe - Stannis {1|10}

    Inwoner:
    ~ Audrey La Bóuton - xLenox {1|13}
    ~ Coco Butterfly - OakenshieId {1|18}
    ~ Cora Applebee/Halfaxe - Illwill {1|10}
    ~ Lily Mikaelson - TheHorcrux {1|7}
    ~ Lucrezia Giovanna Crivelli - Tigresse {2|1}
    ~ Magdalena La Beauvie - Espada {1|6}
    ~ Vajèn Butterfly - Kilicious {1|18}
    ~ Parse Applebee - Espada {1|5}
    ~ Lena - Wensekronik {2|[http://www.quizlet.nl/forum/topic.php?tid=163703&page=2]2[/url]}

    ~ Donatello Storum - Wensekronink {1|18}
    ~ Florense - Lazulis {1|2}
    ~ John Hildebrand - xLenox {1|16}


    Krachten
    Markus Maisson: Shadowstep: enkele meters vooruit teleporteren voor afschudding of om achter iemand te verschijnen voor een onmiddelijke dodelijke genadeklap uit te delen
    Anteia Auffrye: Anteia heeft het vermogen om tijdelijk het lichaam van iemand over te nemen. Dit betekent niet dat ze gedachten kan horen van die persoon. Ze kan alleen het lichaam besturen.
    Xavier Phoenix: Adelaars oog, daarbij heeft hij het vermogen om verweg en dichtbij te kunnen kijken. Hij kan hem scherpstellen om details te kunnen zien.
    Yuki Nagisa Minami: Yuki is gespecialiseerd in het beheersen en voelen van emoties. Ze kan de emoties van anderen manipuleren.
    Tristana Ward: Tris kan praten met de geesten van de overledenen. Als ze op de top van haar krachten is en die volledig kan beheersen, kan ze ook de doden tot leven wekken.
    August Auvray: Temporale Stasis. Het vermogen om de tijd in je omgeving stil te kunnen zetten waardoor alles en iedereen om je heen als het ware bevroren/stilgezet wordt in de tijd.
    Rowan Buzzer: Rowan kan met vogels communiceren.
    Rhenelis Synallisun Dusthell "Dusthell": Ze kan in iemands gedachtes/hoofd komen. Ze kan dan bijvoorbeeld iets zeggen, of iets laten zien, herinnering of iets wat zij heeft gezien.
    Jackson: Telekinese. Het vermogen om voorwerpen of personen zonder ze aan te raken dus met de kracht van de gedachten te laten bewegen/zweven/door de lucht te gooien of op een andere manier te beïnvloeden.
    Raven: Shapeshifting, het vermogen om in een ander persoon, dier of zelfs een voorwerp te veranderen.
    Elizabeth "Liz" Victoria Hawkins: Helderhorendheid. Ze hoort geen nog geesten, maar kan gedachten horen en afluisteren.
    Blake Hayden McCarty Hij kan zich met de wind mee laten voeren, hij vervaagd dan tot je hem niet meer ziet en kan zich dan naar wat hij maar wil verplaatsen. De kracht van wind is dan ook zijn kracht, dit is waardoor hij ook snel kan bewegen.
    Dallas Dior: Supergehoor, hij kan horen waar mensen zich naartoe bewegen.
    Helena Brynn Morales: Vuursturen.
    Elijah Woods: Absorbtie/kopieer kracht door aanraking van die persoon.
    Delron Midarm: Delron bezit de gave om in de tijd te reizen.
    Lana Bell: Lana heeft genezende krachten. Als iemand een wond heeft hoeft ze er alleen maar even haar hand op te leggen en dan is hij weer genezen.
    Aurora Audrey McAllister: Audrey heeft de kracht om ontzettend snel te rennen, als ze rent zie je alleen maar een vage flits en dan is ze al een kilometer van je af.
    Mortem Viper: Hij heeft de gave om aarde te sturen, hij kan tot nu toe alleen maar kleine stenen beheersen maar langzaam aan steeds grotere stukken.
    James Robert McMahon: James kan watersturen met zijn handen, hij kan het water alles laten doen.
    Riley Luke McMahon: Riley kan donkerrode bliksemstralen afschieten met zijn handen maar ook met zijn ogen.
    Anya: Onzichtbaarheid.


    Regels:
    *Er is geen maximum aantal personages
    *16+ is toegestaan, maar onder spoiler en met waarschuwing bij (Degene die niet willen hoeven het dan ook niet te lezen)
    *Alleen Illwill of Stannis maken de topics aan.
    *Ik geef geen minimum aan woorden. Kies voor jezelf wanneer je je reactie waard vindt om te posten.
    *Naamsveranderingen doorgeven (en ook even waarschuwen als het met hoofdletter I ipv. L is)
    *Geweld en schelden mag IC maar niet OOC.
    *Niet iemand zijn personage besturen zonder toestemming.
    *Niet iemand zijn personage doden of verwonden zonder toestemming.
    *Minstens 1 keer per week reageren (tenzij goede reden)
    *Geen perfecte personages.
    *Heb respect voor elkaar.
    *OOC tussen [ * ( { #
    *Vragen? Stel ze zeker!
    *Er kunnen altijd personages bij! (Ook wanneer de RPG al loopt)

    Story
    Rollentopic
    Rollentopic 2
    Praattopic
    Praattopic 2

    We beginnen op een rustig dagje. Sommigen zullen misschien aan het trainen zijn, anderen houden zich met andere bezig.
    In ieder geval wordt iedereen verwacht in de eetzaal, waar Anteia het eten zo zal opdienen. Daar zal de guildleader nog even een woordje uitleg doen over wat er staat te gebeuren in hun leven. (Lees: hij zal de jongeren wat gerust stellen over hun krachten en iets uitleggen over hoe de contracten in werk zullen gaan)
    Het is dus de bedoeling dat iedereen rustig richting de eetzaal komt. Kies een gezellig plaatsje aan tafel, misschien naast iemand die je het liefst hebt.

    [ bericht aangepast op 22 juli 2014 - 18:35 ]


    “To live will be an awfully big adventure.”

    Donatello Storum ~ Bakker

    Donatello schudde zijn hoofd om het gedrag van zijn broertje hoe hij te erg met Lena probeerde te flirten.
    'Don? Hoeveel is een doosje eieren en vijf broden?' Vroeg Michelangelo aan hem toen de dame erom vroeg.
    'Angelo, dat moet je nu al eens weten.' mopperde Donatello op zijn broertje, daarna richtte hij zijn aandacht weer terug op zijn klant. 'Sorry, twee broden zei je? Dat is drie florijn graag vrouwe,' Donatello keek vriendelijk naar haar, ze haalde haar zakje tevoorschijn met munten en betaalde het bedrag. 'Dankje, wat is je naam trouwens? Want ik heb je wel vaker hier eens gezien maar nooit je naam mee gekregen.'

    Delron.

    Ik lag ongeveer een halfuur aan de tafel te slapen, net was ik wakker geworden door de geluiden van stoelen. De hele dag was ik wezen trainen. Eerst vijf uur met mijn zwaard, daarna drie uur met mijn kracht. Ik was zonder iets te doen, een dag terug in de tijd gegaan, en ik zag mezelf. Best eng.
    Hoe dan ook, het kostte me heel erg veel uitputting om weer terug te komen naar dit 'tijdperk.' Vooral omdat ik een gezellig gesprek met een meisje was aangegaan, en ik niet terug wou. Ik hoop dat ze me nog herinnert.

    Ik zag Brynn aankomen lopen, en zag ook dat ze kwaad naar de tafel tuurde. Brynn was echt een leuk meisje als je eens met haar omging, dat weet ik nog van vroeger. Helaas gingen we niet meer zo vaak met elkaar om, maar ik kan daar wel wat verandering inbrengen. Ik wreef even in mijn ogen, en liep toen naar haar toe.
    "Hey, Brynn! Ligt het aan mij, of is er iets aan jouw dag dat niet helemaal goed ging?" Vroeg ik belangstellend aan haar.
    "Heb je al een plek of wil je bij mij gaan zitten?" Ik weet dat ik bij een paar meiden bekend sta als het ' uitslovertje' hopelijk niet bij haar.

    [ bericht aangepast op 24 juni 2014 - 17:51 ]


    "I would have followed you, my brother... my captain... my king."

    [Nog even een HEEEEEEL kort stukje Dusthell dan.]

    Rhenelis Synallisun Dusthell "Dusthell" ~ Assassin

    Toen Edon maar niet kwam, besloot ik om zelf naar hem te zoeken, aangezien we zo zouden gaan eten. Ik liet mijn rode haren over mijn linkerschouder vallen, en ik streelde even de donkere jurk die ik aan had getrokken. Daarover had ik een zwarte cape getrokken. Ik stond op van tafel, en liep door de gangen van de grot, toen ik -inderdaad- Edon tegenkwam.
    "Hey Edon, we gaan eten." Zei ik glimlachend tegen hem. Wat was hij knap....


    "I would have followed you, my brother... my captain... my king."

    Lana Bell || Oudere Assasin || Genezende krachten
    Rustig liep ik langs alle trainende jongeren. Velen waren buiten met hun wapens schietschijven aan het bewerken. Zelf had ik mijn pijl en boog over mijn rug gehangen en zocht ik een rustig plekje op om te oefenen. Ik was vrij ver het bos in gelopen toen ik halt hield en mijn boog van mijn rug haalde. Ik controleerde nog even of hij wel goed gespannen was en pakte een pijl uit de koker op mijn rug. Ik legde de pijl in de boog, spande, richtte op de boom voor me, ademde in en liet los. Dit deed ik nog een paar keer, steeds sneller achter elkaar totdat mijn hele koker leeg was. De pijlen hadden verscheidene bomen geraakt. Ik trok ze stuk voor stuk uit de bomen, zonder ze te beschadigen. Zo oefende ik nog een paar keer, totdat ik merkte dat ik honger kreeg. Ik keek naar de stand van de zon en merkte dat het al bijna etenstijd was. Ik slingerde mijn boog weer om mijn rug en begon richting de grotten te lopen, genietend van het lekkere weer.


    'Your happy ending may not be what you expect. That's what will make it so special.' ~ Mary Margaret

    Ayla Hearling ~ City Guard

    Toen ik mijn wortels op had besloot ik maar eens aan de slag te gaan. Ik steeg op en leidde Jambo door de smalle steegjes van de stad. Een paar mensen keken geschrokken toen ze mij zagen; waarschijnlijk hadden ze iets uitgevreten. Maar aangezien ik niemand op diefstal kon betrappen en geen dronkenlappen zag die dames lastigvielen was mijn ronde al snel klaar. Het meest schokkende wat ik tegenkwam was een bedelaar die uitgescholden werd door een paar rijkeluiszoontjes, maar ja, wat doe je daar dan weer tegen.
    Toen ik bij de rijkere buurt aankwam zag ik een bekend gezicht: Cesare die zijn zus thuisbracht. Ik stuurde Jambo hun richting op en stond een paar tellen laten naast Cesare.
    'Hé, heb ik nog wat gemist?' vroeg ik. Waarschijnlijk was dit niet het geval, maar het was een beter openingszin dan "Ik heb zojuist de voorraadkast van het hoofdkwartier geplunderd. En, wat heb jij vanochtend als ontbijt gehad?". Ik had er altijd een hekel aan om te praten over dingen die er toch niet toe deden.


    -

    Lestat Daniel Malloy || Oudere Assassin || Geen bijzondere kracht



    Lestat hoorde Yuki's verhaal met een kleine, speelse glimlach aan. Hij wist dat Yuki niet met zwaarden vocht, maar hij vond het altijd leuk om haar een beetje te plagen.
    'Ah, kom op, Yuki! Houd je niet van een uitdaging?' vroeg hij terwijl hij zijn zwaard losjes heen en weer zwiepte en uiteindelijk met een vlotte beweging in zijn schede schoof. Toen Yuki vroeg of hij nog kwam, haalde hij haar met een paar passen in. Lestat werkte zichzelf zonder al te veel moeite het grottencomplex in en zijn stemming werd door het vooruitzicht van goed eten steeds beter. Niet dat dit te zien was aan zijn gezicht. Hij glimlachte haast nooit bewust. Als hij lachte, was dit in het bijzijn van goede vrienden, of hij gebruikte zijn glimlach om iets gedaan te krijgen.
    Tijdens de wandeling naar het hoofdkwartier fantaseerde hij hardop over wat de kokkin dit keer gemaakt zou kunnen hebben en hij wist dat Yuki zijn geklets waarschijnlijk nutteloos en idioot zou vinden. Toch, hij had niet echt een filter dat ervoor zorgde dat onzin in zijn hoofd bleef en hij stond bekend om zijn vreemde hersenspinsels over geloof, moraal of, in dit geval, voedsel.
    Bij de deur gaf Lestat het wachtwoord en binnen een paar seconden stonden beide assassins binnen.
    'Wil je in de eetzaal blijven, of zullen we eerst onze spullen opbergen? Die messen lijken me niet heel comfortabel tijdens het eten,' merkte Lestat op.


    Caution first, always.

    Raven || Jonge Assasin || Shapeshifter
    Nadat ik een tijdje verveeld voor me uit heb zitten staren komt Jackson naast me zitten. Hij vraagt me hoe het gaat met mijn krachten. Meteen beginnen mijn ogen te glunderen bij het idee dat ik voor het eerst echt in een hele wolf heb kunnen veranderen.
    "Ik kon me vanochtend in een wolf veranderen!" vertel ik hem enthausiast "Lopen op vier poten is bijna onmogelijk maar het was echt geweldig" vervolg ik vrolijk "Ik struikelde alleen over mijn poten en toen verloor ik de controle en veranderde ik weer terug" zucht ik dan. Ik ben al een jaar bezig met mijn kracht maar nog steeds heb ik het niet onder controle. Ik kan mijn handen veranderen in wapens of voorwerpen, maar verder kwam ik nooit. Het heeft me een lange tijd enorm gefrustreerd maar nu ik een hele take-over heb kunnen doen ben ik best wel trots op mezelf.
    Een scheve grijns siert mijn lippen en ik kijk Jackson aan "Ik kan niet wachten tot ik mensen kan bang maken als wolf" lach ik een tikkeltje gemeen. Tja, zo ben ik nou eenmaal. Ik vind het leuk als mensen een bange blik op hun gezicht hebben of smeken om hun leven. Het is vermakelijk. Alleen is het niet meer vermakelijk als het je vrienden zijn die smeken om hun leven...

    Lily Mikaelson || Inwoner
    Ik geef de jongen het geld voor de broden, valt mee dat bedrag.
    "Lily" stel ik mezelf dan met een glimlachje voor. Zo'n beetje heel de stad kent mijn naam niet, op de mensen die me dagelijks spreken na dan. Maar dat zullen er ook niet meer dan vijf zijn "Lily Mikaelson" vervolg ik dan met mijn volledige naam. Het is niet dat mensen die mij bijna niet kennen mijn naam niet mogen weten, de meesten vragen er gewoon nooit naar.
    "En jou naam is?" vraag ik hem dan met een kleine glimlach.


    Little do you know

    Donatello Storum ~ bakker

    'Donatello Storum, uw favoriete bakker al zeg ik zelf.' Donatello schudde zijn hoofd terwijl hij even lachte. 'Die ongemanierde kwal daar is mijn broertje Michelangelo en achter bij de oven is mijn andere broertje nog Leonardo.' Vertelde Donatello, hij ontweek even een stuk oud brood dat Michelangelo naar hem gooide. 'Dat bedoel ik nou, ongemanierd. Nou vrouwe Mikaelson, misschien tot ooit en geniet van het brood. Misschien proef je de liefde.' Donatello deed zijn hand op zijn borst terwijl het het zei.

    Cesare Ludovico Crivelli || Leider City Guard

    De trotse hengst draaide zich op commando om en liep met een stevige pas richting het einde van de straat. Ik begeleidde Aztec met een ferme hand, terwijl het paard zelf zijn hoofd omhoog duwde. Vele mensen vonden de hengst een vreemde verschijning, vooral omdat hij nogal wat trekjes leek te hebben die mij perfect aanvulde. De trotse houding die hem klaarblijkelijk sierde, de stevige passen die hij maakte en de dominante uitstraling die hij wist af te dwingen; Alles wees erop dat dit paard speciaal voor mij was bestemd. Alsof ik het dier met mijn eigen handen had ontworpen.
    Zodra ik het einde van de straat in mijn gezichtsveld zag verschijnen, zag ik vanuit mijn ooghoeken dat een vrouwelijke wachter zich naast één van Aztec's flanken voegde. Er waren maar twee vrouwelijke wachters die ons team versterkten: Ayla en Sifanta. De stem verraadde echter al snel wie er naast me reed.
    "Hearling," concludeerde ik, terwijl ik mijn paard dwong om halt te houden. "Het is nog vroeg. Er is nog niets speciaals gebeurd, en ik verwacht ook geen spannende nacht."
    De criminaliteit in de hoofdstad steeg boven onze hoofden uit als het middernacht werd, maar de laatste tijd was er weinig opmerkelijks gebeurd. Mijn baantje ging jammer genoeg niet altijd over rozen. Ik deed mijn werk maar al te graag, maar er moest ook iets opvallends gebeuren in de stad. Een mysterieuze verdwijning, of een bloederige moord. Die pret leek al sinds tijden voorbij te zijn.
    "De kleine, onbelangrijke zaakjes worden eentonig. We hebben een uitdaging nodig." Zonder Ayla te waarschuwen, spoorde ik Aztec aan tot een rustig tempo. Ze zou me prima kunnen volgen, daar twijfelde ik inmiddels niet meer aan. "De rebellie lijkt wel als sneeuw voor de zon verdwenen te zijn in deze dorre stad. Het is bijna slaapverwekkend. Ik zou bijna willen toegeven dat het nog interessanter is om toe te kijken hoe Lucrezia haar jurken laat vermaken."

    [ bericht aangepast op 24 juni 2014 - 21:25 ]


    "Her heart was a secret garden, and the walls were very high."

    Isaiah Lemuel Dennis - City Guard

    Isaiah was bezig de stadsmuren te inspecteren. Het was tijdrovend en vervelend werk, dat hem erg onrustig maakte. Het was een van de klusjes die het minst graag uitgevoerd werd, maar het was aan de rand van het bos en hij liep liever in de schaduw van de bomen dan dat hij door het afval banjerde waarmee de smalle steegjes besmeurd waren. Hij had twaalf stappen gezet vanaf zijn vorige punt toen hij opnieuw een scheur in de muur zag. Het was bijna dertig jaar geleden dat de muur voor het laatst gerepareerd was en ondanks dat er geen aanvallen waren geweest die de muren beschadigd hadden, zorgde droogtescheuren ervoor dat het toch om onderhoud vroeg. Hij maakte een notitie en wilde verder lopen, totdat hij plotseling vanuit zijn ooghoeken iets zag gebeuren. Een jongedame viel van het paard en raakte hard de grond, terwijl haar rijdier verder draafde, het bos in.
    Isaiah stak zijn notitieblok in zijn binnenzak en liep op haar toe. Ze kwam inmiddels overeind, streek haar blonde haren uit haar gezicht en keek gedesoriënteerd om zich heen.
    ‘Alles in orde?’ vroeg hij haar toen haar intense, groene ogen in de zijne keken.


    Every villain is a hero in his own mind.

    Ayla Hearling ~ City Guard

    Zonder me een blik waardig te keuren begon hij tegen me te spreken. Hij spoorde zijn paard -Aztec heette het dier, volgens mij- aan om te gaan lopen en al snel reed ik naast hem, voor zover de dunne straatjes dat hier toelieten.
    'De rebellie lijkt wel als sneeuw voor de zon verdwenen te zijn in deze dorre stad. Het is bijna slaapverwekkend,' besloot Cesare tenslotte. Ik schudde mijn hoofd.
    'Nog niet helemaal. Vannacht heeft een of ander persoon een van mijn dolken gejat. Ik ben hem achterna gegaan, maar ergens in het bos ben ik zijn spoor kwijtgeraakt,' zei ik. Ik haatte het om toe te geven dat iets me niet lukte, maar dit leek me wel belangrijk. Ik keek Cesare aan. 'Heb jij enig idee wie het zou kunnen zijn?' vroeg ik.
    (buh, inspiratieloze post)


    -

    John Hildebrand || Inwoner || 37



    Na een best wel lange wandeltocht, we begonnen namelijk in de buurt waar de gemiddelde mens woonde, kwamen we uit bij de grote herenhuizen. De tuinen waren netjes bijgehouden waardoor je kon zien dat de wel geleerde en beschaafde mens hier hun leventje vertoefde. Een hekel had ik aan ze, met hun schijnheilige hoofden het geld van de gewone burger binnen halen en daarna flink laten zien natuurlijk hoe rijk ze wel niet waren door deze overbodige huizen te kopen. Ach wat had ik te zeggen? Ik werkte immers voor een van die lui.
    "Zeg Sifanta, waar ga jij je begeven op deze prachtige ochtend?" Met een slijmerig accent keek ik haar liefdevol aan. Wat immers niet moeilijk was aangezien Sif geen dorn in het oog was. De brunette wist het misschien zelf niet maar ze zag er niet verkeerd uit en het was voor haar misschien wat ruige imago, de City Guard kliek, anders hadden meerdere mannen haar de hand al gevraagd. Misschien had ik dan ook wel mijn kans gewaard, als mijn karakter haar niet in de weg zat natuurlijk. Het gene wat mij aantrok aan deze vrouw was haar avontuurlijke persoonlijkheid, ik had niks aan een vrouw die alsmaar zich zorgen ging maken om mijn bezigheden. Ik wist zeker dat Sif gezellig mee zou doen in een opstootje, als het maar niet tegen de Guards was.

    Ik merkte dat we het herenhuis van de familie La Bóuton genaderd waren. Voor het grote hek, op het houten bankje wat dat stond, zat een meisje. Haar blonde haren waren voor de helft opgestoken waardoor de wind nog een beetje met haar haren kon spelen. Keurig rechtop zat ze op het bankje te wachten op haar persoonlijke escorte naar waar ze maar naartoe wilde. En dat was mijn baan.

    Audrey La Bóuton || Inwoner || 15




    Eindelijk had ik van Hilde naar buiten gemogen. Het grote huis gaf me vaak een verstikkend gevoel aangezien het zo groot was en ik er dan in principe alleen was. Vaak dacht men dat ik me er niet thuis voelde vanwege mijn huidige omstandigheid. Mijn blindheid veroorzaakte vaak medelijden, iets waar ik dus totaal niet tegen kon. Ze dachten vaak dat ik mijn weg niet kon vinden en dat ik hulpeloos was, iets wat ik totaal niet was. Door de trainingen met een van de City Guards, die ik op een van de vele nachtelijke ontsnappingen had ontmoet, had mij geleerd dat ik zonder stok of escorte mijn omgeving kon analyseren. Je moest luisteren hoe de wind waaide en hoe je omgeving voelde, een van de redenen dat ik vaak mijn dunste schoentjes aandeed zodat ik min ondergrond kon voelen. Met veel nieuwsgierigheid had ik zijn lessen in de avonden gevolgd en werden mijn zintuigen steeds beter. Die nieuwsgierigheid had ik waarschijnlijk van mijn moeder geërfd, vader vertelde namelijk altijd dat ik mij niet met andermans zaken moest bemoeien.

    Plots hoorde ik voetstappen. Nee. Het waren twee paar voetstappen. De een herkende ik uit duizenden. John Hildebrand met zijn zware voetstappen, een patroon van 2 seconde tussen elke stap – zijn benen waren namelijk erg lang – kwam zonder twijfel mijn kant opgelopen. Naast hem hoorde ik iets snellere voetstappen, die blijkbaar de moeite hadden om hem bij te houden. Waarschijnlijk dus een vrouw aangezien deze kleinere benen hadden als John dus ook meer stappen moesten zetten om hem bij te houden. Een glimlach verscheen op mijn gezicht terwijl de twee nu vlakbij waren. "Goedendag, heer Hildebrand." zei ik terwijl mijn blik naar voren was gericht. "Mevrouw." ik maakt een klein knikje met mijn hoofd. Haar aankijken had toch niet veel zin aangezien vele mensen schrokken van mijn emotieloze ogen.


    How awful that must feel. Being normal? Ugh.

    Yuki Nagisa Minami || Oudere Assassin || Stuurster van emotie

    Lestat probeerde nog een stapje verder te gaan en daagde me weeral uit, maar ik was niet zo snel over te halen als de meerderheid onder ons. Ik vond het echter vrij humoristisch om te zien hoe Lestat mij telkens weer probeerde te plagen, ook al hield ik vrijwel altijd voet bij stuk. De laatste keer dat ik zijn uitdaging had geaccepteerd, had ik mezelf klem gewerkt met mijn gestuntel. Ik hield het toch liever bij mijn eigen, vertrouwde wapens.
    Zodra het duidelijk leek te zijn dat ik ditmaal geen zin had om te gaan sparren, haalde Lestat me vluchtig in en beende hij voor me uit. Zijn spontaniteit vulde mijn stilzwijgendheid aan, waardoor we elkaar amper in de weg leken te lopen. Op persoonlijke gebieden leken we elkaars tegenpolen te zijn, hoewel we het toch goed met elkaar konden vinden. Ik vond het fijn dat hij de stilte vulde, en Lestat zelf leek alleen maar tevreden te zijn met het feit dat ik hem een luisterend oor aanbood.
    Terwijl we door het grottencomplex liepen, luisterde ik naar zijn eeuwige gebabbel over het verrukkelijke eten van onze huismoeder. Ik noemde de lieftallige Anteia al sinds dag één bij deze naam. Ze zorgde erg goed voor ons en wist de mooiste verhalen te vertellen. Ik mocht misschien al een volwassen vrouw zijn, maar de prachtige verhalen van Anteia's belevenissen waren nog altijd even spannend.
    Ik werd uit mijn eigen gedachten gerukt door de stem van Lestat, die aan me vroeg of we onze spullen niet eerst zouden opbergen. Een slimme opmerking over mijn messen volgde, waardoor ik even naar de scherpe wapens in mijn ietwat kleine handen keek.
    "Ik denk dat het verstandiger is om eerst alles op te ruimen. Sommige kinderen kunnen hun handen namelijk niet van mijn speelgoed afhouden," antwoordde ik, terwijl er een kleine, maar speelse twinkel in mijn ogen verscheen. Ik drukte mijn emoties niet vaak uit, maar ik vertrouwde Lestat tot op het bot toe. Ik durfde zelfs openlijk te glimlachen als ik bij hem in de buurt was, ook al deed ik het niet al te graag.


    "Her heart was a secret garden, and the walls were very high."

    Anya Crivelli.- Assasin jongeren. Onzichtbaarheid.


    'Jij hebt je kracht goed onder controle' zegt James, naar aanleiding van mijn handen. Hij lacht erbij en ik geef hem een klein glimlachje terug.
    'Kom we gaan wat eten, ik heb zo'n honger als een paard' zegt Riley.
    'Ik ook' zegt James. Dan slaat James zijn arm om mijn nek en gelijk had ik het gevoel dat alles weer goed was. Zij, plus de oudere assasins wisten van mijn half broer en zus. En toch was ik nog steeds zo goed bevriend met hun.
    'James,' zeg ik, zachtjes. Niemand anders aan de tafel hoefde het namelijk te horen. 'Ik had weer een nachtmerrie.'
    Ik kijk naar hem op. Iets wat ik al mijn hele leven deed. Riley had het waarschijnlijk ook gehoord. Altijd als ik een nachtmerrie had gehad, ging ik naar de tweeling. Omdat ik me bij hen gewoon veel veiliger voelde dan de rest.

    Sifanta.- City guard.

    Grote herenhuizen kwamen in zicht en ik had even geen idee wat we hier deden. Toch liet ik het wel op me afkomen.
    "Zeg Sifanta, waar ga jij je begeven op deze prachtige ochtend?" vroeg John. Hij keek me aan en ik haalde mijn schouders op.
    'Waarschijnlijk naar the guards' mompelde ik. We kwamen aan bij een mooi huis en daar zat een blond meisje en gelijk wist ik wat we hier deden. Hij was haar escorte voor de dag.
    Ik bekeek haar onderzoekend en zag al snel dat ze blind was. Als ik me niet vergistte was dit Audrey La Bóuton.
    "Goedendag, heer Hildebrand." zei ze.
    "Mevrouw."
    Het verbaasde me even dat ze wist dat ik erbij was. Althans, dat ze wist dat ik een vrouw was.
    'Goedemorgen Audrey' zei ik met een kalme stem.
    'John,' vervolgde ik daarna. 'Heb je nog ergens mijn hulp bij nodig? Anders ga ik nog wat dingetjes doen.'


    "Rebellion's are build on hope"

    Lucrezia Giovanna Crivelli || Inwoonster

    Terwijl ik gefrustreerd met mijn ogen knipperde en een spoor van het sneeuwwitte dier probeerde te vinden, liep een blonde jongeman naar me toe. Hij vroeg naar mijn gesteldheid en onze blikken kruisten elkaar, hoewel ik al snel mijn ogen neersloeg. Hoe graag ik ook mijn eigen gang zou willen gaan en op mijn eigen benen wilde staan, ik was bang om Cesare teleur te stellen. Ik wist niet of deze man tot één van zijn vele contacten behoorde, en het beangstigde me dat mijn broer misschien te weten zou komen dat ik zonder toestemming het landgoed had verlaten.
    "Mijn paard dwaalt alleen door het bos," beantwoordde ik zijn vraag, ook al was mijn respons enigszins omslachtig. Ik had echter geen behoefte om te klagen over mijn prikkende hand en mijn kapotte jurk. Als ik Mistress niet zou terugvinden, zou Cesare zeer zeker niet gecharmeerd zijn. Integendeel zelfs, hij zou witheet van woede zijn. Dat paard had aardig wat munten gekost. En dan had ik nog niet eens uitgelegd dat ik in mijn eentje op pad was gegaan.
    Ik klopte de verloren vuiligheid van mijn kleding en rechtte mijn rug, waarna ik mijn handen ineen vouwde en de jongeman een vragende, maar ietwat wanhopige blik schonk. "Zou u zo vriendelijk willen zijn om mij te helpen? Ik ben bang dat ik in de problemen geraak als ik zonder paard terug naar huis keer." De beleefde vrouw speelde weer in me op, waardoor de opgewekte jongedame opzij moest gaan en plaats moest maken voor de volwassene in mij.
    Er waren maar uitzonderlijke momenten in mijn leven geweest dat ik een kind mocht zijn. Als klein meisje leerde ik enkel de etiquette en op zestienjarige leeftijd kwamen mijn ouders plots te overlijden. Ik was gedoemd om in de schaduw van mijn broer te treden, en soms deed dat pijn.


    "Her heart was a secret garden, and the walls were very high."