• Een klein beetje gebaseerd op het Atlantis van Plato

    9500 v. Chr. - Atlantis, een machtig mythisch eilandenrijk, waar magische wezens met bijzondere krachten in rijkdom en vrede leefden. Iedereen die zich op wat voor manier dan ook onderscheidde van de normale mensen, kwam hierheen om te leven als een god. Maar de mensen werden bang en uiteindelijk hebben ze het immense centrum met al zijn prachtige bossen en weilanden eromheen platgebrand uit angst en jaloezie. De welvaart en arrogantie is de ondergang van het prachtige rijk geweest.

    Tegenwoordig trekken de wezens zich terug. Ze zijn vergeten door de mensheid en worden nu alleen nog maar in sprookjes en fantasieverhalen genoemd. Veilig zijn ze niet, want ontdekt worden, betekent eindigen als een wetenschappelijk proefkonijn, of erger, opgejaagd en vermoord worden. Er is één plek waar iedereen veilig is en waar je je krachten kan leren beheersen, zodat je veilig de grote wereld in trekken: Het Nieuwe Atlantis. Het is een safehouse en school, waar wezens vanaf 16 jaar kunnen beginnen met trainen om veilig de grote gevaarlijke mensenwereld in te trekken zonder ontdekt te worden.

    Er is echter een groot probleem ontstaan. Vlak na een fijne kerstviering thuis worden alle leerlingen met spoed teruggeroepen naar de school, want de veiligheid van wezens is in gevaar: het eiland is ontdekt door de zogenaamde jagers en onderzoekers, mensen die vermoedens hebben over het bestaan van wezens en deze uit willen roeien of onderzoeken. Ze dolen rond door de bossen, waar gelukkig voor de leerlingen sterke niet menselijke wezens de wacht houden om de school te beschermen. Zal de school deze spanningen tussen mensen en wezens weten te overleven, of zal hij ten onder gaan, net zoals eens gebeurd is met Atlantis? Aan jullie om het lot van Het Nieuwe Atlantis te bepalen!
    Confrontatie tussen de mensen en wezens kan ontstaan, doordat de wezens soms gedwongen zijn de school te verlaten voor bijvoorbeeld bevoorrading. Bovendien proberen ze de jagers en onderzoekers natuurlijk ook weg te krijgen. De mensen op hun beurt doen er natuurlijk alles aan om de wezens op te sporen en zo ook de school te vinden. Dit laatste is echter een hele moeilijke opgave.

    Wezens:

    •Elven
    Elven zijn het best te herkennen aan hun puntige oren. Dit maakt het leven in de drukke stad voor hen haast onmogelijk, maar gelukkig leven deze wezens ook liever in de natuur. Ze zijn namelijk goed met planten, hebben veel overlevingskennis en zijn van nature goede klimmers. Buiten hun puntige oren hebben ze, als ze één speciale kracht bevatten, een kracht die gerelateerd is aan de natuur of kunst (hier valt ook muziek onder). Je wordt geboren als elf en minimaal één van je ouders moet dus ook een elf zijn. Elfen kunnen heel oud worden.

    •Halfgoden/godinnen
    Dit zijn kinderen van een mens en een Griekse god of godin. Wat uiterlijk betreft verschillen ze dus niet van gewone mensen. Ze hebben wel betere reflexen, zintuigen en hebben, als ze één speciale kracht bevatten, een kracht die te maken heeft met hun goddelijke ouder. Let op: ik wil geen kinderen met dezelfde goddelijke ouder!

    •Heksen/Magiërs
    Heksen of magiërs zijn mensen met de mogelijkheid om spreuken en drankjes te creëren. Het vereist veel kennis en oefening om de juiste spreuken in combinatie met de juiste drankjes te gebruiken. Daarbij zijn heksen en magiërs krachtiger wanneer ze samen de spreuken uitspreken. Heksen en Magiërs kunnen allerlei krachten hebben wat betreft hun speciale kracht. Het is zoals bij de de andere twee soorten wezens niet aan iets in het bijzonder gekoppeld. Het is niet bekend wat nou bepaald of je bij je geboorte wel of geen heks of magiër bent. Het komt gewoon eens in de zoveel tijd voor. Als één van de ouders krachten bezit is de kans echter wel groter.



    Rollen: Tijdelijke stop op vrouwelijke personages!

    •Elven

    - Lexine Melissande Sage || Absorptie/kopieer kracht || Valkyries 1.6
    - Saige Bella Williams || Heldervoelendheid || sannetoe 1.2
    - Audrick Damian McKnight || Soort Aerokinese || Rider 1.1
    ...

    •Halfgoden/godinnen Stop op halfgoden

    - Sky Elysia O’Brien || Dochter Zeus || Electrokinese || Rider 1.1
    - Damianne Katherine Stavros || Dochter Poseidon || Watersturen || Luna2013 1.7
    - Philip Crowe || Zoon Ares || Emotie-projectie || Pedrad 1.1
    - Altair Nikos O’Flycke || Zoon Artemis || Illusies || SherIock 1.8

    •Heksen/Magiërs

    - Ruby Dayne || Inmaterialiteit || Gaikotsu 1.1
    - Rowan Aida || Gedachte projectie || Valyrian 1.4
    ...

    •Jagers

    - Raven May Vellee || Pedrad 1.3
    - Cy Acacia Oceán || SherIock 1.3
    ...

    •Onderzoekers

    - Sarah Melissa Grey || Neurowetenschapper || MarkOfCain 1.4
    - Adrian Dwyer || Bioloog || Dauntlessone 1.13
    ...

    Regels:
    #Er geldt een minimum van 200 woorden
    #Mary Sue’s/Gary Sue’s zijn ten strengste verboden
    #Naamveranderingen doorgeven
    #Minstens 1 keer per week reageren
    #Houd het realistisch
    #Het is verboden personages van anderen te besturen
    #Je mag nooit iemand zonder toestemming vermoorden
    #Gebruik ABN
    #Vermeld boven je post altijd minimaal de naam van je personage
    #Maximaal twee personages per persoon. Twee van hetzelfde geslacht is niet toegestaan, tenzij ze in de minderheid zijn
    #Probeer soorten wezens/mensen en jongens en meisjes een beetje gelijk te houden.
    #Reserveringen blijven 48 uur staan
    #16+ is toegestaan, maar houd het netjes (en realistisch)
    #Alleen ik maak nieuwe topics aan, tenzij ik er iemand voor aanwijs ivbm drukte
    #OOC tussen haakjes () {} []
    #Geen OOC ruzies, IC mag wel, dus vat dat niet persoonlijk op
    #Originaliteit wordt zeer op prijs gesteld
    #En dan het aller belangrijkste: have fun!

    Begin: Het is maandagavond na het avond eten, 28 December om precies te zijn. Alle leerlingen zijn teruggeroepen naar de school (sommige zijn gisteren of vanmiddag al aangekomen, anderen moeten misschien nog aankomen), omdat het eiland bedreigd wordt, even als alle wezens in het algemeen. De jagers en onderzoekers zijn namelijk hun kamp aan het opzetten in de bossen.
    Het is vrij rustig op de school, omdat niet alle leerlingen zomaar terug konden komen. Vanaf morgen start er een noodlesrooster dat geldt voor alle leerlingen en gevolgd dient te worden. Iedere week zullen er minimaal twee keer wezens het bos in moeten om vers eten etc. te halen. De leerlingen gaan in groepen en worden aangewezen door Directeur Cumberbatch.
    Het gebied waar de jagers en onderzoekers zich nu bevinden wordt bewaakt door Griffioenen, wezens met een leeuwenlichaam, de vleugels en kop van een adelaar en de oren van een paard. Ze zijn zowel op het land als in de lucht snel, maar ze zijn even gevoelig voor wapens als mensen en dieren. Als je ze goed raakt, zijn ze dus goed te verslaan. Het zijn er niet onwijs veel, maar ze kunnen dus enkelen tegenkomen.

    Weerbericht: Het is bijna donker. De lucht is volgepakt met donkere wolken, hoewel het nog niet regent. Af en toe zijn er wel bliksemschichten aan de hemel te zien en klinken er donderslagen. Het is was vandaag zo'n 7 graden boven nul en dit zal vannacht afkoelen tot zo'n 1 graden boven nul.


    [ bericht aangepast op 27 mei 2014 - 16:41 ]


    Happy Birthday my Potter!

    Raven May Vellee      Jager
    'Ik help wel,' hoorde ik een stem zeggen. Pas een paar seconden later besefte ik dat de stem bij Sarah, de onderzoeker, hoorde. Ik glimlachte dankbaar en stond op terwijl ik mijn broek afklopte. 'Waar wil je dat hij staat?'
    'Ergens waar de grond vlak is,' zei ik vastbesloten nadat ik even nagedacht had over een handige plek. Zodra Sarah en ik buiten stonden was er een flits te zien in de lucht. Met een angstig gevoel liep ik een stukje van een boom weg. Ik had ergens gelezen dat het gevaarlijk was om tegen een boom aan te gaan staan tijdens onweer.
    'Het wordt almaar slechter weer,' zuchtte Sarah en ik knikte instemmend.
    'Ik zie nu al op tegen vannacht,' piepte ik zachtjes. Sarah wist niet dat ik bang was van het donker, maar waarschijnlijk zou ze er van uit gaan dat ik op zag tegen het slapen terwijl het onweerde. Aan de ene kant klopte dat; onweer maakte de duisternis nog angstaanjagender. Toch was het vooral de donkere nacht die we tegemoet gingen die me bang maakte. Het luchtte wat op toen ik me herinnerde dat ik Hutch mee had, hij had me altijd beschermt - dat zou hij nu ook weer doen.
    'We kunnen maar beter snel je ten opzetten,' zei Sarah en samen liepen we naar een plek die redelijk vlak was. Zodra ik mijn tent uit mijn tas heb gehaald, begint Sarah met het opzetten van het onding. Ook legt ze uit hoe het moet, maar ik snap er zelfs na de uitleg nog vrij weinig van.
    'Het is niet erg als je geen tent kunt opzetten, ik heb zo'n idee dat ik de helft niet kan van wat jij wel kunt,' Sarah glimlachte vriendelijk en zette de tent helemaal in elkaar.
    'Het voelt wel een beetje stom eerlijk gezegd. Het is helemaal niet mijn bedoeling geweest om jou de hele tent op te laten zitten hoor, echt. Ik weet normaal altijd heel veel maar ik snap echt niets van tenten. Daarbij heb ik nog nooit gekampeerd en...' - ik besefte me dat ik alweer aan het ratelen was en werd even stil. Uiteindelijk ging ik verder: 'Dankjwel Sarah.'

    [ bericht aangepast op 7 april 2014 - 19:55 ]

    Sky Elysia O'Brien || Dochter Zeus || Electrokinese || Outfit

    Na een stukje rondgelopen te hebben kwam Sky aan bij de entreehal, waar ze Saige Williams, een elf met sportieve interesses zoals zij ook had, zag staan. Even nam ze haar in zich op en dacht erover op haar af te stappen. Saige was recht door zee, iets wat Sky zeer op prijs stelde, maar de jongedame had ook eigenschappen waar Sky minder tevreden mee was. Ze was een flirt en feestbeest, eigenschappen die Sky niet bepaald had en waar ze ook niet erg van gecharmeerd was. Verder konden twee mensen met een duidelijke mening het natuurlijk wel eens niet met elkaar eens zijn en Sky had het liefst dat iedereen het met haar eens was. Dat was echter onmogelijk en dat was ook de reden dat ze dit met moeite van mensen accepteerde. Ze besloot hierom gewoon op Saige af te stappen, gezien ze haar niet onaardig vond en de kans klein was dat de belangrijkste mening uiteen liep. Niemand was immers toch blij met die vervelende mensen in het bos? Vooral geen vechter zoals Saige en zijzelf.
    'Hi Saige, was je kerstvakantie nog een beetje oké, ondanks de ruwe onderbreking?' vroeg Sky en liep toen helemaal tot aan de roodharige elf. Zelf vond Sky het vervelend haar vakantie niet af te kunnen maken. Ze genoot altijd van haar verblijf in Australië en daarbij was ze zo af en toe graag bij haar moeder. Ze miste de warmte en de zee waar ze heerlijk kon surfen. In December was het daar juist lekker weer voor. De hitte maakte het verkoelende water nog fijner. Het was haar dit jaar echter niet gegund. Door die stomme mensen... Als Sky ze te pakken zou krijgen waren ze zeker nog niet jarig.
    Sky probeerde de gedachtes uit haar hoofd te bannen, toen er wil een felle lichtflits door de ramen was te zien en concentreerde zich op het gesprek dat ze had getracht te starten met Saige.


    Happy Birthday my Potter!

    {Sarah en Raven vinden Cy ongetwijfeld enorm aardig.}

    Cy Acacia Oceán • Jager
    Sarah, de onderzoeker, helpt mijn jaaggenoot, de tent opzetten. Ik blijf achter in de onderzoekerstent en geniet van de tijd alleen. Ondanks dat ik maar hoogstens vijf minuten de tent heb gedeeld met anderen, werkt dat even vermoeiend als een lange tocht van een halve dag. Langzaam leun ik achterwaarts op het tafeltje, waar een groteske computer op staat. Met mijn handen leun ik op het gladgemaakte hout, ontdaan van zijn natuurlijke eigenschappen. Ik veracht deze luxe en denk bij mezelf dat dit niks voor mij is. Ook mijn tent is voornamelijk een groot stuk leer geleund op wat houten stokken, met op aandringen van een sportwinkel waar ik ooit was, afgemaakt met stukken tent, die de onderste randen bedekken. Ik slaap alleen op de grond, met als enige bedekking mijn slaapzak. Dicht bij de natuur, waar ik hoor. Ik wíl socialiseren. Ik wíl aardig zijn. Ik kán het niet. Mijn subtiliteit is zo groot als een theelepeltje en mijn aardigheid reikt even ver als een baby kan gooien. Ik zucht. Aan de ene kant wil ik ook verder gaan met mezelf afkeren. Veilig van mensen, waarmee ik me nooit heb kunnen sympathiseren. Dan spring ik overeind- Dat is het! Die verdomde tent! Ik zal helpen, dan zullen ze me aardig vinden.
    Ik loop zo opgewekt als ik kan naar buiten, al kan ik mijn zware, stappende pas niet verstoppen. Ik zie nog net hoe Sarah een ratelend verhaal afsluit en iets tegen Raven piept. De onderzoeker. Terwijl ik naar ze toe loop, besef ik ineens dat ik geen openingszin heb. Hoe begin je met praten, hoe zorg je dat mensen je leuk vinden?
    "Een jager die zijn tent niet kan opzetten?" Zeg ik spottend, terwijl ik voor ze sta. Was dat aardig? Dat was een grap, dat vinden ze vast grappig. Lachen werkt altijd verfrissend.
    Toch?

    [ bericht aangepast op 7 april 2014 - 23:36 ]


    Tijd voor koffie.

    Saige Bella Williams ~ Elf ~ Heldervoelendheid

    Ik was diep in gedachten verzonken, over vanalles maar eigenlijk ging het nergens over. Ik schrok toen iemand me aansprak en draaide snel om. Jezus, van al die mensen in de buurt raak je zeker op je hoede, als ik nu maar niet paranoïde ga worden. Ik glimlachte toen ik zag dat het Sky was, heel goed kende ik haar niet, maar ze leek me wel een aardige meid. Ze was net zoals ik altijd eerlijk en stak haar mening nooit onder stoelen of banken. 'Hi Saige, was je kerstvakantie nog een beetje oké, ondanks de ruwe onderbreking?' vroeg ze, even moest ik over die vraag nadenken, geen idee waarom maar het duurde even voordat de goede woorden me te binnen schoten. "Hey Sky. Ja ik heb opzich wel een fijne vakantie gehad." Zei ik met een klein glimlachte rond mijn mond, terug denkend aan de vakantie. Veel heb ik niet gedaan, vooral gesport en met mijn familie rondgehangen. Op dat ene feestje na was het niet zo heel spannend. "Lekker kerst gevierd met de familie. Alleen is het wel zwaar vervelend dat we nu al terug op school zijn, dan moeten we nieuwjaar missen." Lichtelijk geïrriteerd sprak ik de laatste woorden uit, het sloeg ook nergens op dat we nieuwjaar hier moesten vieren, zeker met die eindtijden qua slapen, hopelijk maakte de school hier voor die gelegenheid een uitzondering op. "En heb jij het nog naar je zin gehad in de bewoonde wereld?" Soms was ik wel jaloers dat al die anderen zich zo makkelijk onder de mensen konden begeven, als elf was het niet bepaald makkelijk om je oren te verbergen. In de winter was dit gelukkig nog wel te doen met een muts, maar in de zomer kon je het beste zo ver mogelijk van de mensen vandaan blijven.


    Neem eens de tijd om na te denken over dingen waar je echt gelukkig van wordt. - Mary Brantley

    Lexine Melissande Sage • 21 • Elf • Absortptiekracht

    ‘Er zijn maar weinig mensen wiens geleuter ik kan verdragen. Veel mensen zijn onvoorwaardelijk saai. Zoals ik al zei: Verfrissend,’ was hetgeen dat Altair haar meldde, na haar afgemeten woorden die ontegensprekelijk lieten weten dat ze van hem af wilde. Het ontging Lexi dan ook absoluut wat hij nu eigenlijk wilde. Wat hij nu eigenlijk van haar verwachtte. Het was haar echter wel duidelijk genoeg geworden dat er iets mankeerde aan deze gast. Hij was namelijk de eerste hier op Atlantis en daarbuiten, op een enkele uitzondering na zoals haar moeder en Cumberbatch, die zich niet zomaar weg liet jagen door haar woorden. Het leek wel alsof hij enige interesse in haar had, alsof haar hele houding zijn nieuwsgierigheid opwekte. Zijn aandacht had.
    Desondanks was ze zeker niet van plan om maatjes met hem te worden, of om hem te vriend te houden, en dat zou ze hem ook zeer zeker op een verfrissende manier laten weten.
    ‘Weet je wat ook verfrissend is, een duik in het meer,’ zei ze daarom bars, ‘en als je dan ook nog eens zou willen verdrinken, werkt dat ook nog eens zeer verfrissend voor mij.’ Ze had geenszins haar woorden willen inslikken en terugnemen was ze ook zeker niet van plan. Het liefst zou ze ook nog eens die verrekte glimlach, die rond zijn mondhoeken speelde, van zijn gezicht willen krassen met haar nagels om deze vervolgens zo diep mogelijk de grond in te trappen opdat hij nooit meer kon lachen. Nee, ze had haar buik vol van deze derderangs sukkel die haar met iedere nanoseconde meer en meer ergerde.

    [ bericht aangepast op 7 april 2014 - 23:40 ]


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    [Geen idee of je er iets aan hebt xd.]

    Ruby Dayne - Heks.
    Philip probeerde duidelijk om vriendelijk over te komen, wat ik waardeerde van hem – dat was nog een reden dat hij niet zoals alle anderen was. Al probeerde hij het, het hoefde van mijn part niet – ik wist namelijk toch wel dat hij vanbinnen een goed hart had. Hij had het meerdere keren voor mij opgenomen, reden genoeg toch? En ik voelde mij fijn bij hem.
    'Ik zie mijn familie niet echt buiten school. Ik vermijd ze liever.' Had Philip geantwoord, wat ik raar vond. Waarom zou je, je familie vermijden? Ach, misschien had hij daar zo zijn redenen voor. Hij zou er vanzelf over praten als hij dat wilde.
          'Weet je zeker dat je, je oké voelt?' Vervolgde hij toen. Hij had het op een bezorgde toon gezegd, maar dat had ik niet opgemerkt doordat mijn hersenen overuren draaiden door het feit dat hij dit vroeg. Nu niet, Philip. Ooit zal ik het je vertellen, maar niet nu. Dat was de reden dat ik erover heen praatte. Dat was enkel nutteloos, want hij vroeg het nog een keer. Dit keer klonk zijn stem hard en ik wist zeker dat hij dit deed, zodat ik hem kon horen. 'Samen is oké trouwens.' Had hij erna vervolgd. Ik kon daarop verder antwoorden, maar dat deed ik niet. Het was duidelijk, hij wilde er perse antwoord op.
    Ik dwong mezelf een glimlach op, die misschien zelfs te onnatuurlijk was. Oké, een beetje dimmen met dat gelach Ruby, sprak mijn geweten. Straks gaat hij er echt nog wat achter zoeken. Meteen had ik er naar geluisterd en dimde ik mijn gelach wat. “Eh, ja, natuurlijk weet ik dat zeker. Waarom zou ik dat niet zeker weten?” Ik schraapte mijn keel wat. “Gewoon wat vermoeidheid die naar mijn hoofd stijgt, verder niets.”
          Voor hij er verder op door kon gaan, ging ik over op een ander onderwerp. Eris. Geen idee of hij nu wilde gaan of dat hij het later bedoelde, maar daar dacht ik nu niet aan op het moment. “Ik miste Eris al. Laten we snel gaan!” Zei ik enorm enthousiast.
    “Kom!” Ik glimlachte en had hem initiatief bij zijn hand gepakt en hem meegetrokken richting de stallen. “Ik weet zeker dat Eris je mist en het wederzijds is. Oh, dit is zo leuk! Ik vind het heel gezellig met jou. Weet je, mijn moeder zei altijd dat ik teveel praatte. Dat is toch helemaal niet zo? Valt best mee.” Ging ik door. Ik haatte het. Altijd in zenuwachtige momenten ging ik veel praten, veel meer dan normaal – niet dat Philip dat wist, maar ik schaamde me er wel voor. Waarom ik het dit keer deed, wist ik niet. Philip was toch betrouwbaar, waarom deed ik dan zo?
          We stopten voor de stallen. En dat was het moment dat ik merkte dat ik zijn hand nog vast had. Snel, en wat beschaamd – kijkend naar de andere kant, liet ik zijn hand los. “S-s-sorry.” Ik begon nerveus te glimlachen en ik had het gevoel dat ik het wat warmer kreeg – het kwam niet door het weer, het was namelijk na het avondeten in de avond.
    “Zeg, als je iets kwijt wilt – kun je altijd naar me toekomen.” Had ik met licht blozende wangen gezegd, terwijl ik de stallen in ging.

    [ bericht aangepast op 7 april 2014 - 23:45 ]


    Don't walk. Run, you sheep, run.

    Philip Crowe       Zoon van Ares       Outfit
    Mijn blik was even afgedwaald naar Ruby's lippen die bijna altijd een glimlach vormden. Ik had haar glimlach al bewonderd vanaf het moment dat ik haar voor het eerst zag - ze leek altijd zo oprecht; alsof het haar helemaal geen moeite koste om te lachen. Ergens was ik jaloers op die eigenschap, hoewel ik haar ook dankbaar was dat ze me liet voelen hoe het was om een vriendin te hebben - meestal haakten mensen af zodra ze merkten dat glimlachen me niet makkelijk af ging.
    Ruby's glimlach verdween haast waarna ze zei dat ze zeker wist dat ze zich oké voelde. Het feit dat de stralende glimlach echter niet meer zo stralend was bevestigde het tegenovergestelde - alsof ze haar best moest doen om te lachen. 'Gewoon wat vermoeidheid die naar mijn hoofd stijgt verder niets,' vervolgde ze. Ik wilde zeggen dat ik wist dat- dat niet waar was, maar Ruby liet me niets zeggen.
    'Ik miste Eris al. Laten we snel gaan,' de enthousiasme in haar stem was weer helemaal terug, maar het zat me niet lekker. Ik wilde graag geloven dat het puur vermoeidheid was en dat het wel over zou gaan na een nachtje slaap, maar ik kon voelen dat er iets niet klopte.
    'Kom!' glimlachte Ruby waarna ze mijn hand vast pakte. Er ging een lichte schok via mijn hand naar de rest van mijn lichaam maar die wilde ik niet voelen; kón ik niet voelen.
    Ergens ver weg hoorde ik haar stem, maar ik was te gefocust op mijn hand in de hare. Hoe kon het dat ik nooit iets had gevoelt behalve boosheid en ik uitgerekend deze emotie - wat het ook mocht zijn - voelde als ik bij Ruby in de buurt was?
    'S-s-sorry,' ze glimlachte nerveus toen ze mijn hand losliet. Er verscheen een scheve grimas op mijn gezicht die bedoelt was als een geruststellende glimlach.
    'Geeft niet,' ik rechtte mijn rug en keek Ruby recht aan, er niet bij stilstaand dat mijn gezicht wat somber stond.
    'Zeg, als je iets kwijt wilt - kun je altijd naar me toekomen,' Ruby bloosde en liep de stallen in. Ik liep slenterend naast haar en haalde mijn schouders op.
    'Je bent hier nu,' ik wist dat het niet Ruby's taak was om naar mijn gezeik te luisteren, dat was niemands taak - maar toch wilde ik graag iemand vertellen hoe ik me voelde. Dat ik me echt niet goed voelde op het moment en dat ik niet wist wat ik precies moest doen, in het algemeen en met Ruby.

    Altair Nikos O'Flycke
    Het is moeilijk; Ik kan geen enkele emotie uitdragen uit haar ogen, behalve verachting en arrogantie. Zelf waren Altair's ogen maar soms beschermd tegen zijn emoties. Vooral nieuwsgierigheid en haat drongen snel door. "Weet je wat ook verfrissend is, een duik in het meer, en als je dan ook nog eens zou willen verdrinken, werkt dat ook nog eens zeer verfrissend voor mij." Antwoord ze, zonder enige aarzeling of ondertoon van spijt. Het voelt wederom als een vlakke hand in mijn gezicht, maar ik weiger me uit het veld te laten slaan door Lexine Sage's woorden.
    Ik proef haar woorden op mijn tong, voel de ruwheid ervan. Even overweeg ik om daadwerkelijk in het meer te springen, maar dat lach ik weg. Raar genoeg betrap ik mezelf erop dat ik benieuwd ben hoe ze mijn volgende opmerkingen oppakt. Hoe ze reageert en vooral, hoe zij in hemelsnaam denkt. Zo vijandig.
    "Helaas voor jou, die periode is voorbij. Al zou ik een zwempartij geen enkel probleem vinden." Zeg ik nu, lichtelijk spottend, maar ik lach haar niet uit. Daarmee zou ik niet bereiken wat ik wil bereiken. Ik zet een stapje op zij, om haar door te laten. "Dus, wat weerhoudt jou ervan een frisse duik te nemen, aangezien alles en iedereen hier zo..." Zeg ik, ik loop naast haar mee, "verhittend werkt?".

    [ bericht aangepast op 8 april 2014 - 17:15 ]


    Tijd voor koffie.

    Lexine Melissande Sage • 21 • Elf • Absortptiekracht

    Altair liet zich niet zomaar doen en liet zich nog minder snel uit het veld slaat door haar grove woorden. Alsof het niets was, lachte hij haar opmerkingen weg en ging er doodleuk op verder, alsof het de meest normale gang van zaken was om op deze manier een conversatie te hebben.
    ‘Helaas voor jou, die periode is voorbij,’ reageerde hij op haar woorden die een dergelijke zelfmoord insinueerde. ‘Al zou ik een zwempartij geen enkel probleem vinden.’ Hij had licht spottend gesproken, maar lachte haar niet zozeer uit.
    ‘Spijtig,’ reageerde Lexi in haar plaats direct kortaf en op een manier die impliceerde dat ze totaal niet met hem of zijn woorden in zat. Dat het niet aan haar hart kwam dat hij zulke duistere gedachten heeft gehad. ‘Er zullen genoeg blonde bimbo’s zijn die graag met je zouden willen zwemmen, of je willen verzuipen,’ vervolgde ze toen.
    Zijn laatste toevoeging had haar namelijk als een stupide invitatie in de oren geklonken, om haar uit te dagen.
    Lexine verbeet zichzelf dan ook verder, om zo haar razernij niet op fysieke wijze op deze misselijke gast te laten botvieren. Er was immers niet om heen te zien dat hij haar provoceerde, dat hij haar grenzen opzocht om wist zij veel welke belachelijke reden.
    Altair zette echter tot haar verbazing een stap zij, om haar door te laten en die kans liet ze zich zeker niet voorbij gaan. Expres stapte ze nochtans met langslopen, met de naaldhak van haar pump, op zijn voet, om hem daarna straal voorbij te lopen.
    ‘Dus, wat weerhoudt jou ervan een frisse duik te nemen, aangezien alles en iedereen hier zo...’ en hij liep tot haar verbijstering met haar mee, ‘verhittend werkt?’
    Lexine hield abrupt haar pas in, zoog hoorbaar haar longen vol lucht en sloot een seconde haar ogen, om zo enig geduld te zoeken. Er legde zich gevolglijk een zweemzoete glimlach rond haar mondhoeken, en even leek het erop dat haar iets te heldere blik verzachtte.
    ‘Ik weet niet wat je van plan bent en wat je bedoeling is, zoon van Artemis, en het interesseert me ook geen moer, maar laat ik het zo stellen,’ en haar theatrale vriendelijkheid verdween met de noorderzon, ‘vertrek naar weet ik veel waar of trek je terug in één van je miserabele illusies, maar laat mij met rust. Of het gaat je nog hartgrondig berouwen dat je me hebt lastig gevallen.’
    Uit frustratie priemde ze met haar vinger op zijn borst, niet direct beseffend wat de gevolgen daarvan gingen zijn. Dat ze op deze manier zijn energie in zich opnam, maar dat deze er dus ook op veel te korte tijd in een stoot weer uit zou moeten komen, in een illusie die ze niet onder controle zou hebben.

    [Ja, ik weet nog niet echt wat voor belachelijk iets die illusie gaat zijn, en of Lexi het dus op zichzelf richt. Natuurlijk, als je het ziet zitten, kan Altair ook nog altijd 'lijden' onder die illusie die Lexi per ongeluk opwekt door zijn energie te absorberen doordat ze hem poked. Geen idee waar hij bang voor is, of juist naar verlangt... Dit kan jezelf invullen, als je dat leuk lijkt... en anders verzin ik wel een illusie die zich uitwerkt op Lexi zelf. Je ziet maar waar je inspiratie heen leidt.]


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    • Sarah Melissa Grey • Onderzoeker •



    Sarah keek Raven glimlachend aan en zet dan uiteindelijk de tent op. Dan hoort Sarah Raven zeggen: “Het voelt wel een beetje stom eerlijk gezegd. Het is helemaal niet mijn bedoeling geweest om jou de hele tent op te laten zitten hoor, echt. Ik weet normaal altijd heel veel maar ik snap echt niets van tenten. Daarbij heb ik nog nooit gekampeerd en...” Ze ratelt snel haar zin af en dan stopt ze bruusk. Het is even stil en dan kijkt Raven haar dankbaar aan en zegt ze: “Dankjewel Sarah.” “Geen probleem ,hoor”, antwoordt Sarah en ze kijkt haar weer vriendelijk aan. Sarah zet haar recht en klopt haar handen af aan haar jeansbroek en ziet dan Cy aankomen wandelen. Sarah ziet even een kort moment van twijfel en dan zegt Cy spottend: “Een jager die zijn tent niet kan opzetten?” Sarah kijkt Cy geshockt aan. Het was misschien raar maar ze zou daar nooit een opmerking van maken. Het leek nu of ze Raven minder waardig vond. Sarah hoopte dat ze het verkeerd verstaan had en zei dan: “So what?” Ze moet toch niet alles kunnen. Nu reageerde ze misschien te fel terug. Sarah was iemand die altijd probeerde de vrede te bewaren en als ze dan zelf commotie veroorzaakte voelde ze zich altijd slecht. Ze had al meteen spijt van wat ze gezegd had en zei: “Sorry, ik wou niet fel overkomen, maar wat maakt het uit dat ze haar tent niet kan opzetten.” Sarah deed haar handen in haar zij en keek naar Raven. Sarah hoopte dat ze niet gekwetst zou zijn, dat moest ze ook niet zijn. Ze keek de 2 jagers aan en wachtte hun antwoord af.

    [ bericht aangepast op 8 april 2014 - 22:53 ]

    Ruby Dayne – heks.
    Philip had gezegd dat het niet uitmaakt en ik zuchtte opgelucht. Soms deed ik dingen zonder er echt over na te denken en dan wist ik niet hoe ik de situatie daarna moest oplossen, ik voelde me dan wat ongemakkelijk.
    Mijn hand beefde wat en om het te laten stoppen plukte ik wat aan mijn vingers en mijn mouwen.
          “Ehh, ja.” Ik glimlachte wat nerveus, niet in staat om naar hem om te kijken. Oh, snap out of it Ruby! Het is Philip maar. Waarom doe ik zo dom? Ik haalde diep adem, hopend op dat ik weer normaal kon doen en mijn handen niet meer zo beefden, maar dat deed het nog. Om het te verbergen haalde ik een appel tevoorschijn uit de zak van mijn vest.
    Zijn sombere gezicht had ik niet opgemerkt doordat ik had weggekeken en zo goed mogelijk mijn bevende handen en blozende gezicht probeerde te verbergen. Ik hoorde hem wel achter me aan slenteren.
          'Je bent hier nu,' zei hij. Was dit een hint dat hij toch ergens over wilde praten en iets kwijt wilde? Was ik daar wel de aangewezen persoon voor? Ik wilde hem heel graag helpen – daar niet van.
    Ik glimlachte en keek voor een korte seconde naar Philip voordat ik de appel wat opwreef over mijn rok.
          “Hier kijk eens wat ik voor je heb, Eris.” Zei ik met een lieflijke stem en het paard begon blij te hinniken toen ze het lekkere fruit zag. Ik wreef even kort over haar neus en gaf het haar toen, maar herinnerde me toen dat Philip het misschien niet gewild had.
    Ik haalde de appel weg en keek verschuldigend naar hem. “Sorry.” Ik boog uit verontschuldiging naar hem.
    “Wil je – ik bedoel, mag ik het geven?” Ik keek weer naar boven, op naar Philip. Toen ik naar hem keek, merkte ik zijn gezicht nu pas écht op. Hij was een knappe jongen, iets waardoor ik mijn rozige kleur weer op mijn wangen kreeg. Geen gekke dingen doen, Ruby! Dit is niet de eerste keer dat je hem tegenkomt, jullie zitten bij elkaar in de klas en hij is alleen maar een vriend! Houd jezelf nou niet voor de gek met die rare gedachtes.
    “En wat is het dat je kwijt wil? Ik zal aandachtig naar je luisteren, Philip. We zijn nu toch alleen.” Ik glimlachte warm naar hem. “Niemand anders kan het horen dan ikzelf.. en Eris dan.” Ik grinnikte wat en wreef weer wat over het hoofd van Eris.

    [ bericht aangepast op 8 april 2014 - 23:30 ]


    Don't walk. Run, you sheep, run.

    {Ik heb een vervelende plek voor Lexine uitgekozen, ik denk dat je weet wat ik bedoel, met enkele accenten van Altair (Het bos op de achtergrond, enkele foto's) erin. Omdat Lexine dus de overhand heeft, maar Altair nog steeds een indruk achter laat op zijn illusies. Ik hoop dat je het goed vind!}

    Altair Nikos O'Flycke
    Na een paar passen gezet te hebben, stopt Lexine abrupt met lopen. Aangezien ik dat nog niet meteen door had, kom ik een paar decimeter voor hij tot stilstand. Vragend keer ik me naar haar toe. "Ik weet niet wat je van plan bent en wat je bedoeling is, zoon van Artemis, en het interesseert me ook geen moer, maar laat ik het zo stellen." Haar stem klinkt mierzoet en ik lach vrolijk, al merk ik het addertje onder het gras lichtelijk. Wellicht ontdooit ze nu wel een beetje, wat ik niet vervelend zou vinden. Dan verstenen haar ogen weer en trekt mijn mondhoek geamuseerd-gekwetst een beetje omlaag.
    "Vertrek naar weet ik veel waar of trek je terug in één van je miserabele illusies, maar laat mij met rust. Of het gaat je nog hartgrondig berouwen dat je me hebt lastig gevallen." Lexine's vinger priemt zich in mijn borst en ik kijk even omlaag. "Wat een-" Begin ik, als gevat antwoord, maar ik krijg de kans niet. Het voelt alsof de lucht in een keer uit mijn longen wordt gezogen en ik adem ineens uit, mijn benen wankelen bijna onder me uit en mijn armen worden slap. Even heb ik een moment, een moment om me af te vragen wat dit is, een paar seconden om te beseffen dat Lexine mijn energie uit mijn lichaam zuigt. Veel tijd heb ik niet.
    Recht waar haar vinger mijn borst raakt, vloeit er een rook-achtige substantie die al snel verdwijnt en een omgeving vormt. "Lexine," zeg ik fronsend, tot ik besef wat ik gedaan heb- Of eerder, wat ik níét gedaan heb. Deze illusie is niet de mijne; De druk die ik normaal voel als ik een illusie oproep, lijkt er nauwelijks te zijn. Hij is licht als een jongleerbal en bijzonder afwezig. Opvallend, aangezien dit een grote illusie is. Ik pak Lexine's pols vast, werp even een blik op haar, maar mijn nieuwsgierigheid wint en kijk om me heen.
    Het eerste wat mij opvalt is dat ik het bos dat ik door de half-glazen deuren heen kan zien, herken. Het is de plek waar ik vaak ging jagen, waar ik tevens ook afscheid heb genomen van mijn moeder, voor het laatst. Een rilling loopt over mijn rug.
    Daarna kijk ik verder. De deuren zijn klein en onopvallend, de ruimte wit. Er staan rijen banken, waar heel wat mensen op zitten. Allen in het zwart, met een halfvergane zakdoek voor hun mond. Ik knijp mijn ogen samen uit nieuwsgierigheid en frons, tot ik naar links kijk. Een altaartje, met een grote mahoniehouten kist prijkt tussen een bos van bloemen, in allerlei kleuren. Er achter, nog een altaar, ditmaal met een boek en een dominee die de ruimte in kijkt. Het is stil, de ruimte beweegt nauwelijks. Iedereen blijft stil zitten, houdt zijn adem in. Met een schok besef ik wat voor een plek dit is. Een begrafenis.
    Bij de mahoniehouten kist, zie ik meerdere foto's en wederom focus ik mij, nu op de foto's. De grootste erboven, is een man, die ik maar vagelijk herken. Ik zie dat hij vergelijkbare trekken heeft, maar van wie schiet me even niet naar binnen. De foto eronder, ken ik wel. Tom.
    Ik grijp Lexine's steviger vast, niet oplettend of ik met mijn jagersarmen haar pijn doe. Sinds de ziekte van Tom zijn (en mijns') leven binnen is geslopen, blijft de constante angst, hoe ver weg ik ook ben. De kans dat hij overleeft? Niet zo groot. Ik wil er niet aan denken. Niet nu, niet hier. Niet bij Lexine. Mijn maag draait om, maar voelt ook hol.
    Van wie is deze begrafenis eigenlijk überhaupt? Er zijn maar enkele foto's van Tom, en maar één foto van een overleden vriendje, die ooit mijn beste vriend was. Overreden. Ik was daar ook. Ik wil er niet aan denken.
    De rest van de foto's zijn foto's van een man die ik niet ken.
    Ik keer me terug naar Lexine. "Lexine, wat heb je gedaan?" Mijn stem trilt heel lichtelijk, maar ik klink vooral dwingend. Mijn hand omklemt haar dunne pols in een ijzeren greep. Ik houd mijn woede in, net zoals mijn angst, maar mijn stem klinkt niet meer zo lieflijk als hij net deed. Het is serieus geworden. Ik ben niet bang voor mijn illusie, ik weet dat het nep is. Edoch, ik ben bang voor wat Lexine nu weet en wat ze daarmee gaat doen. Ik ben bang dat ze een stapje dichter is om mij te kennen. Niemand mag mij kennen. Ik ben bang voor de dood van Tom.
    Ik doe een stap dichter naar haar toe, om haar recht in de ogen te kijken. Dan zie ik ook een familiefoto, van de overleden man, rechts naast haar gezicht. Ik keer me nu naar Lexine in een mengeling van vragen.


    Tijd voor koffie.

    Mysticnight => MarkOfCain

    Lexine Melissande Sage • 21 • Elf • Absortptiekracht

    Altair wilde reageren op haar harde woorden en dreigement, maar kreeg de kans niet doordat Lexi met haar vinger in zijn borst priemde. Niet iets wat hem direct zou doen staken in zijn respons, ware het niet dat ze door de aanraking zijn energie in zich opnam, tezamen met zijn gave om illusies te creëren. Zonder enig besef ervan dat ze het deed of er enige controle over te hebben, veranderde de omgeving… en was ze op een plaats waar ze totaal niet wilde zijn.
    ’Lexine,’ zei Altair fronsend, aangezien ze beiden dus blijkbaar ‘vastzaten’ in deze illusie. Hij pakte haar pols vast, keek haar voor een moment aan, maar liet zijn blik algauw de ruimte rondgaan. Iets wat Lexi eveneens deed, maar haar ogen bij één enkele aanblik alweer neersloeg. Ze kon het niet aan, niet nog eens.
    De ruimte, de aanwezigen, het altaar. De mahoniehouten kist, de foto’s. De speciale bloemenkrans die ZIJ had neergelegd, tezamen met een kleine enveloppe vol afscheidswoorden die enkel bestemd waren aan hem... aan haar vader…
    Haar longen werden afgesloten van hun noodzakelijke zuurstof en het verdriet, het gemis dat ze sinds zijn sterven had verdrongen, wrong zich letterlijk rond haar ingewanden. Haar adem stokte dan ook en haar hart leek tot stilstand te komen door de pijn die haar ziel versplinterde.
    Opnieuw werd Lexine echter vastgegrepen, harder nu, en Altairs vingers striemden pijnlijk haar huid door zijn ijzeren greep. Haar ogen, die waterig waren geworden door deze herinnering, blikten naar hem op, en ze zag iets aan hem wat ze niet eerder had gezien. Angst. Angst om te verliezen. Angst voor het verlies dat zij al droeg. Angst die zij ook met zich mee gedragen had.
    Ze keek daarom opnieuw naar het altaar, waar haar vaders kist stond, en merkte nu pas de andere foto’s op die er ook bij stonden. Foto’s van een onbekende man, en ze vermoedde een dierbare van Altair, een persoon wiens sterven hij vreesde.
    ’Lexine, wat heb je gedaan?’ vroeg Altair met trillende, hetzij toch dwingende stem. Hij pakte haar bij haar pols vast, en ondanks dat hij zijn woede inhield, tezamen met zijn angst, klonk zijn stem alles behalve vriendelijk zoals het al die tijd had gedaan.
    Lexi slikte, mede door hem, mede door haar eigen verdriet. Ze kreeg geen enkel woord uitgesproken, en voelde zich dan ook klem gezet toen hij een stap dichter naar haar toe zette, en haar recht in de ogen aankeek.
    Plotseling vulde zijn blik zich op met een mengeling van vragen, en ze draaide haar hoofd naar de plek waarnaar hij had gekeken. Het was een familiefoto… en meteen schoot er een brok in haar keel toen ze het meisje herkende die lachte en de man waarvan ze zoveel hield, omhelsde. Alsof de gemene Lexi die ze nu was, nooit had bestaan.
    Op dat moment verdween de illusie, de begrafenis, en stonden ze beiden terug in de gangen van de school. Haar ogen waren waterig en rood omlijst, haar onderlip trillend, terwijl ze Altair aankeek. Zijn vraag drong niet tot haar door… Want wat had ze in hemelsnaam gedaan?
    Het duurde louter vijf seconde voordat ze terug in de werkelijkheid werd gezogen, en terug haar vastberaden, arrogante houding wist terug te vinden. Ondanks dat haar ogen nog waterig waren, was de rest van haar gezichtsuitdrukking totaal veranderd.
    Zonder enige omhaal, haalde ze uit naar Altair en sloeg ze met haar vlakke hand in zijn gezicht, tegen zijn wang.
    ‘Waar durf je het lef vandaan te halen, lompe boer. Verrekte ploert dat je er bent.’ Haar stem klonk venijnig en ze kon haar woede – die voortkwam uit haar verdriet – niet bedwingen. ‘Hoe durf je een illusie op me los te laten, en me dan ook nog eens te brengen naar daar.’
    Ze was ervan overtuigd dat hij degene was geweest die de illusie had opgewekt, er niet van uitgaand dat zij de boosdoener kon zijn. Dat het haar gave was die haar herinnering boven had gehaald, en deze verweven had met Altairs angst. Lexi was er namelijk van overtuigd dat ze geen enkele gave had, dat ze slechts opgezadeld was met een paar uiterlijke overeenkomsten van haar elf-zijn. En dus legde ze ontegensprekelijk de schuld bij Altair neer. Dat hij degene was die haar daar geplaatst had...

    [Ik ben niet helemaal tevreden met hoe m'n post heeft uitgepakt, maar beter beschreven krijg ik het ook niet. Afin, hopelijk ben je mee in welke richting ik op wil met Lexi en haar gevoelens en dat je iets kan met m'n post.]

    [ bericht aangepast op 10 april 2014 - 20:17 ]


    “If you can smile when things go wrong, you have someone in mind to blame.”

    [Oh trouwens mijn afwezigheid mag weg, ik ben ondertussen al terug =) ]